wetzoeker

Artikel 4 Benelux-overeenkomst op het gebied van de jacht en de vogelbescherming

De doelstellingen van de jachtwet brengen mee dat de wetgever al het mogelijke doet om de rechtszekerheid te verhogen. Dit is van bijzonder belang wanneer het gaat om de bepaling van de tot jagen geoorloofde middelen, tuigen en methoden. Een nauwkeurige opsomming is derhalve wenselijk.

Middelen, tuigen en methoden die van oudsher gebruikt worden bij de jacht behoeven geen nadere omschrijving, hoewel het kan voorkomen dat het onbeperkt gebruik daarvan in het belang van de jacht en van een doeltreffende bescherming van de natuur niet langer kan worden geduld.

Het is echter niet uitgesloten dat nieuwe middelen, tuigen en methoden of wijzigingen van in gebruik zijnde geoorloofde middelen tot jagen zullen worden gebruikt in het Beneluxgebied.

Een positieve en limitatieve opsomming der tot jagen geoorloofde middelen, tuigen en methoden biedt het voordeel dat aanstonds doelmatig kan worden ingegrepen tegen het gebruik van niet geoorloofde. Wanneer dergelijke nieuwigheden niet indruisen tegen de gangbare opvattingen inzake jacht, bestaat er geen bezwaar tegen aanpassing van de lijst der geoorloofde middelen, tuigen en methoden.

Regeling
Benelux-overeenkomst op het gebied van de jacht en de vogelbescherming
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-11-2021
BWB-id
BWBV0004239
Versie
2021-11-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl