wetzoeker

Artikel 10 Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa

Vertegenwoordigers der Leden in het Comité van Ministers

Teneinde de vertegenwoordigers in het Comité van Ministers volledige vrijheid van woord en onafhankelijkheid bij de uitoefening van hun taak te verzekeren, zal de immuniteit van rechtsvervolging met betrekking tot door hen gesproken of geschreven woorden en alle door hen in de uitoefening van hun functie verrichte handelingen, van kracht blijven, ook wanneer het mandaat van de betreffende personen beëindigd is.

Regeling
Algemeen Verdrag nopens de voorrechten en immuniteiten van de Raad van Europa
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
10-09-1952
BWB-id
BWBV0005781
Versie
1952-09-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl