wetzoeker

Artikel 67 Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen

Onverminderd de voorschriften van artikel 79 betreffende de behandeling van hulpketelruimten, welke beschouwd mogen worden als een deel van de ruimte voor de werktuigelijke voortstuwing, zal de door de hulpketels werkelijk ingenomen ruimte, indien zij met de hoofdpompen van het schip zijn verbonden, worden afgetrokken, zelfs indien de hulpketels tegelijkertijd gebruikt worden voor bediening van de laad- en loslieren of voor gelijksoortige doeleinden.

Indien de hulpketels niet met de hoofdpompen verbonden zijn, maar uitsluitend dienen voor het werken met de kaapstand, het ankergerei, het stuurgerei of gelijksoortige middelen voor besturings-doeleinden, mag de door haar ingenomen ruimte beschouwd worden als ruimte voor besturing en als zodanig worden afgetrokken.

Ruimten, welke worden ingenomen door- en nodig zijn voor de bediening van lenspompen en voor toegang uitsluitend daarheen, worden afgetrokken.

Hetzelfde voorschrift geldt voor waterballastpompen, welke tevens het schip kunnen lenzen.

Indien een hulpketel, een lenspomp of een waterballastpomp, welke aan bovenstaande voorwaarden voldoet, gelegen is binnen de begrenzing van de ruimte voor werktuiglijke voortstuwing en niet als een deel van de werktuiglijke voortstuwing kan worden beschouwd, zal slechts de ruimte, welke strikt door genoemde middelen wordt ingenomen worden afgetrokken en op de metingstaten onder ruimten voor besturen en bedienen van het schip worden vermeld.

Regeling
Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-02-1964
BWB-id
BWBV0005524
Versie
1964-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl