wetzoeker

Artikel 18 Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen

Indien het meetdek over een deel van zijn lengte (zie figuur 10) in de zin van artikel 10, 3de lid, wordt onderbroken, moet de meetlengte worden gemeten langs een denkbeeldige lijn in het verlengde van het werkelijke dek.

In het geval als aangegeven in figuur 10 kan het aanbeveling verdienen de eindpunten van de meetlengte naar de bovenkant van de bovenbouw over te brengen en de lengte hierover heen te meten. Waar de afstand van de onderzijde van het dek, dat de bovenbouw overdekt, tot de lijn in het verlengde van het dek, gelijk is aan de hoogte van de bovenbouw, worden de eindpunten van de meetlengte gevonden door deze hoogte omlaag uit te zetten. Daarbij is het natuurlijk nodig rekening te houden met de spanten, de wegering en de dekrondte, voor zover deze aanwezig zijn.

Regeling
Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-02-1964
BWB-id
BWBV0005524
Versie
1964-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl