wetzoeker

Artikel 59 Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen

Open bovenbouw en open shelterdekruimten, als omschreven in artikel 58, moeten steeds worden gemeten en in de metingstaten worden ingeschreven. Een nauwkeurige aantekening omtrent de afmetingen van de openingen moet hierbij worden gevoegd. De meting zal worden uitgevoerd overeenkomstig de voorschriften van artikel 48

1) In het algemeen zal een shelterdekruimte niet van de voorsteven tot het hek open zijn. In de meeste gevallen is in het voorschip en in het achterschip een gesloten schot aangebracht (zie figuur 83): derhalve zullen de voorschriften van artikel 48 alleen in zeer bijzondere gevallen van toepassing zijn.

, c.q. artikel 53.

De berekening zal uitgevoerd worden, als in de artikelen 49 en 54 is aangegeven.

Indien zich binnen een open ruimte (zie figuur 83) bovenbouwen bevinden, welke in de bruto-inhoud moeten worden begrepen, luikhoofden of ruimten als bedoeld in artikel 57, dan wel ruimten welke worden geacht deel van de ruimte voor werktuiglijke voortstuwing uit te maken (schachten, enz.), moeten al deze ruimten afzonderlijk worden gemeten en in de metingstaten worden vermeld. Elk dezer ruimten, zal wat het opnemen in of vrijstellen van de bruto inhoud betreft worden behandeld, als in de desbetreffende artikelen is aangegeven.

De afmetingen en de kubieke inhoud van elke open ruimte, als omschreven in artikel 58, moeten in de meetbrief onder een afzonderlijk hoofd worden vermeld. Van deze kubieke inhoud moeten de kubieke inhouden der ruimten gelegen binnen de open ruimte, als aangeduid in de voorgaande paragraaf, worden afgetrokken en het verschil vormt de netto kubieke inhoud van de desbetreffende open ruimte. In gevallen, waarbij er een belangrijk verschil bestaat tussen de uitwendige en inwendige afmetingen van een gesloten ruimte, die binnen een open ruimte is gelegen (b.v. in geval van een geïsoleerde proviandruimte), moeten bij het toepassen van bovenstaande regel de uitwendige afmetingen worden gebruikt.

Het volgende voorbeeld geeft met verwijzing naar figuur 93 aan op welke wijze de kubieke inhoud van een open deel van een shelterdekruimte op de meetbrief moet worden aangegeven.

Open deel van een shelterdekruimte

1) Indien dit verlangd wordt, mag deze ruimte tussen de tussenliggende stalen dwarsschotten in delen worden gemeten.

Totale kubieke inhoud:

H = 2.44 m.( 8 vt.); L = 109.73 m. (360 vt.);

B = | { | 10.36 m. (34 vt.) | } = 4249.49 m3 (1497.60 t.)

14.63 m. (48 vt.)

17.07 m. (56 vt.)

17.07 m. (56 vt.)

17.07 m. (56 vt.)

16.15 m. (53 vt.)

15.24 m. (50 vt.)

af: gesloten deel (n), luikhoofd (o) en machineschacht ..... | | | 424.93 m3 ( 150 00 t.)

______

Netto kubieke inhoud ........................................ | | | 3817.56 m3 (1347.60 t.)

Open kuil

H = | | 2.44 m. ( 8 vt.); | L | = | 2.44 m. ( 8 vt.);

{ | 15.24 m. (50 vt.) | } | = | 89.74 m3 (31.68 t.).

B = | 15.09 m. (49.5 vt.)

14.93 m. (49 vt.)

Regeling
Verdrag nopens een eenvormig stelsel voor de meting van zeeschepen
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-02-1964
BWB-id
BWBV0005524
Versie
1964-02-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl