wetzoeker

Artikel 1bis Constitutie van de Wereldpostunie

ALGEMEEN

1 Ten behoeve van de Akten van de Unie worden de navolgende termen als volgt gedefinieerd:

1.1. postale dienst: geheel van internationale postale verrichtingen waarvan de reikwijdte door de Akten van de Unie wordt vastgesteld en gereglementeerd. De belangrijkste met deze verrichtingen samenhangende verplichting is het realiseren van bepaalde sociale en economische doelstellingen van de lidstaten, door te zorgen voor het ophalen, sorteren, verzenden en bestellen van poststukken.

1.2. lidstaat: land dat voldoet aan de in artikel 2 van de Constitutie genoemde voorwaarden.

1.3. enkel postgebied (een en hetzelfde postgebied): verplichting voor de partijen bij de Akten van de Unie om, op basis van wederkerigheid, zorg te dragen voor de uitwisseling van poststukken met inachtneming van de vrijheid van doorvoer en om poststukken afkomstig van andere landen die via hun land worden doorgevoerd zonder onderscheid als hun eigen poststukken te behandelen, met inachtneming van de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie.

1.4. vrijheid van doorvoer: verplichting voor een tussenliggende lidstaat om poststukken te vervoeren die hem in het kader van doorvoer naar een andere lidstaat worden aangeboden, waarbij deze poststukken op dezelfde wijze worden behandeld als binnenlandse poststukken, met in achtneming van de voorwaarden als vermeld in de Akten van de Unie.

1.5. (Geschrapt.)

1.6. (Geschrapt.)

1.6bis. poststuk: algemene term die verwijst naar alle post die door de aangewezen aanbieder van een lidstaat wordt verzonden (briefpost, pakketpost, postwissels, enzovoort), zoals beschreven in het Algemeen Postverdrag (hierna „Verdrag”), de Verdragen van de Unie (zoals bedoeld in artikel 22 van de Constitutie) en de respectievelijke Regelingen daarbij.

1.7. aangewezen aanbieder: elke gouvernementele of niet-gouvernementele instantie die officieel door de lidstaat is aangewezen voor de verzorging van postale diensten en het vervullen van de daarbij behorende verplichtingen die uit de Akten van de Unie voortvloeien op zijn grondgebied.

1.8. voorbehoud: een uitzonderingsclausule waarmee een lidstaat beoogt het rechtsgevolg van de toepassing in de lidstaat van een bepaling van een Akte, niet zijnde de Constitutie of het Algemeen Reglement, uit te sluiten of te wijzigen. Elk voorbehoud dient verenigbaar te zijn met het voorwerp en doel van de Unie zoals omschreven in de preambule en artikel 1 van de Constitutie. Een voorbehoud dient naar behoren met redenen te worden omkleed en te worden goedgekeurd door de meerderheid die is vereist voor de goedkeuring van de desbetreffende Akte, en dient in het Slotprotocol ervan te worden opgenomen.

Regeling
Constitutie van de Wereldpostunie
Afkortingen
UPU
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
06-06-2023
BWB-id
BWBV0004459
Versie
2023-06-06_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl