wetzoeker

BIJLAGE I — Benelux-modelwet betreffende de bedrogsdelicten Tweede Protocol ter uitvoering van artikel 1, lid 2, van het Verdrag betreffende de instelling en het statuut van een Benelux-Gerechtshof

Benelux-modelwet betreffende de bedrogsdelicten

Oplichting

Hij die met het oogmerk zichzelf of een ander enig goed of enig vermogensvoordeel te verschaffen, waarop noch hij noch de ander recht heeft, hetzij door het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, hetzij door listige kunstgrepen of een samenweefsel van verdichtsels, iemand beweegt tot de afgifte van enig goed, of tot enig handelen of nalaten dat nadelig is of kan zijn voor zijn vermogen of voor dat van een ander, wordt als schuldig aan oplichting gestraft met............

Administratieve oplichting

Hij die hetzij door het aannemen van een valse naam of van een valse hoedanigheid, hetzij door listige kunstgrepen of een samenweefsel van verdichtsels een ambtenaar, een openbaar officier of een met enige openbare dienst belaste persoon beweegt tot het volvoeren van een ambtsverrichting, die hij gerechtigd of verplicht is na te laten, of tot het nalaten van een ambtsverrichting, die hij gerechtigd of verplicht is te volvoeren, wordt gestraft met............

Flessentrekkerij

Hij die wetende dat hij niet in staat is te betalen, hetzij zich in een daartoe bestemde inrichting dranken of eetwaar laat verstrekken, die hij aldaar geheel of ten dele nuttigt, hetzij zich nachtverblijf laat verstrekken in een daartoe bestemde inrichting, hetzij zich doet vervoeren per taxi, wordt gestraft met............

Met gelijke straf wordt gestraft hij die zich nadat hij de dienst heeft genoten op bedrieglijke wijze aan de betaling onttrekt.

Regeling
Tweede Protocol ter uitvoering van artikel 1, lid 2, van het Verdrag betreffende de instelling en het statuut van een Benelux-Gerechtshof
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-08-1982
BWB-id
BWBV0003933
Versie
1982-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl