wetzoeker

Artikel 11 Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing

Iedere Staat die Partij is, beziet stelselmatig de voorschriften, instructies, methoden en praktijken voor ondervraging, alsook de regelingen voor de bewaking en behandeling van personen onderworpen aan enige vorm van arrestatie, hechtenis of gevangenhouding in gebieden onder zijn rechtsmacht, met het oog op de voorkoming van gevallen van foltering.

Regeling
Verdrag tegen foltering en andere wrede, onmenselijke en onterende behandeling of bestraffing
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
20-01-1989
BWB-id
BWBV0002507
Versie
1989-01-20_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl