wetzoeker

Artikel 15 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Trinidad en Tobago inzake uitlevering

1 Een persoon wiens uitlevering wordt verlangd en die is aangehouden uit hoofde van dit Verdrag wordt door de bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat, in overeenstemming met zijn nationale recht, in kennis gesteld van het verzoek dat met betrekking tot hem is gedaan en van zijn recht in te stemmen met zijn terugkeer naar de verzoekende Staat zonder verdere officiële procedure, alsmede van de rechtsgevolgen daarvan.

2 Wanneer het nationale recht van de aangezochte Staat dat voorziet, houdt de instemming afstand in van de bescherming bedoeld in de artikelen 13 en 14.

3 De persoon dient schriftelijk in te stemmen ten overstaan van een bevoegde autoriteit van de aangezochte Staat. Wanneer een dergelijke instemming is verstrekt, neemt de verzoekende Staat onverwijld alle stappen die nodig zijn om de opgeëiste persoon te ontvangen.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Trinidad en Tobago inzake uitlevering
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-08-2003
BWB-id
BWBV0001599
Versie
2003-08-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl