Artikel 19 Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie
GEMEENSCHAPPELIJKE BEPALINGEN VOOR DE DRIE SECTOREN
228 1. De Secretaris-Generaal en de directeuren van de bureaus bevorderen een grotere participatie in de activiteiten van de Unie door de volgende entiteiten en organisaties:
229 PP-98 a. erkende exploitatiemaatschappijen, wetenschappelijke of industriële organisaties en financiële instellingen of ontwikkelingsorganisaties die door de betrokken Lidstaat zijn goedgekeurd;
230 PP-98 b. andere entiteiten die zich bezighouden met telecommunicatie-aangelegenheden die door de betrokken Lidstaat zijn goedgekeurd;
231 PP-98 c. regionale en andere internationale telecommunicatie-, standaardisatie-, financiële of ontwikkelingsorganisaties.
232 2. De directeuren van de Bureaus onderhouden nauwe werkrelaties met deze entiteiten en organisaties die bevoegd zijn deel te nemen aan de activiteiten van een of meerdere Sectoren van de Unie.
233 PP-98 3. Elk verzoek van een in nummer 229 genoemde entiteit om deelname aan de werkzaamheden van een Sector, gedaan in overeenstemming met de desbetreffende bepalingen van het Statuut en dit Verdrag, dat door de desbetreffende Lidstaat wordt goedgekeurd, wordt door deze laatste aan de Secretaris-Generaal doorgezonden.
234 PP-98 4. Elk verzoek van een in nummer 230 bedoelde entiteit dat door de desbetreffende Lidstaat wordt ingediend, wordt behandeld in overeenstemming met een door de Raad ingestelde procedure. Een dergelijk verzoek wordt door de Raad beoordeeld op conformiteit met de bovengenoemde procedure.
234A PP-98 4bis Als alternatief kan een verzoek van een in nummer 229 of 230 genoemde entiteit om Sectorlid te worden, rechtstreeks aan de Secretaris-Generaal worden gericht. De Lidstaten die dergelijke entiteiten toestaan rechtstreeks een verzoek aan de Secretaris-Generaal te richten, brengen deze laatste hiervan op de hoogte. De entiteiten wier Lidstaat deze mededeling niet aan de Secretaris-Generaal heeft verstrekt, kunnen geen rechtstreeks verzoek indienen. De Secretaris-Generaal zorgt voor een regelmatige actualisering en publicatie van een lijst van de Lidstaten die entiteiten onder hun rechtsmacht of soevereiniteit hebben toegestaan rechtstreeks verzoeken in te dienen.
234B PP-98 4ter Bij de rechtstreekse ontvangst van een verzoek van een entiteit ingevolge nummer 234A, ziet de Secretaris-Generaal op basis van door de Raad vastgestelde criteria op toe dat de functie en het doel van de kandidaat in overeenstemming zijn met het doel van de Unie. Vervolgens brengt de Secretaris-Generaal de Lidstaat van de aanvrager onverwijld op de hoogte en verzoekt deze om goedkeuring van het verzoek. Indien de Secretaris-Generaal binnen vier maanden geen bezwaar van de Lidstaat ontvangt, wordt een herinneringstelegram verzonden. Indien de Secretaris-Generaal binnen vier maanden na de datum van verzending van een herinneringstelegram geen bezwaar ontvangt, wordt de aanvraag geacht te zijn goedgekeurd. Indien door de Secretaris-Generaal een bezwaar van de Lidstaat wordt ontvangen, wordt de aanvrager door de Secretaris-Generaal verzocht contact op te nemen met de betrokken Lidstaat.
234C PP-98 4quater Bij het toestaan van rechtstreekse verzoeken kan een Lidstaat de Secretaris-Generaal ervan in kennis stellen dat hij de Secretaris-Generaal bevoegd verklaart elke aanvraag door een entiteit onder zijn rechtsbevoegdheid of soevereiniteit goed te keuren.
2355 Elk verzoek van een in nummer 231 hierboven bedoelde entiteit of organisatie (anders dan die welke worden bedoeld in de nummers 269B en 269C van dit Verdrag) om deelname aan de werkzaamheden van een Sector wordt aan de Secretaris-Generaal gezonden en behandeld in overeenstemming met door de Raad opgestelde procedures.
236 6 Elk verzoek van een in de nummers 269B tot en met 269D van dit Verdrag bedoelde organisatie om deelname aan de werkzaamheden van een Sector wordt aan de Secretaris-Generaal gezonden en de betrokken organisatie wordt in de in nummer 237 hieronder bedoelde lijsten opgenomen.
237 PP-98 7 De Secretaris-Generaal stelt lijsten op, en actualiseert deze, van alle in de nummers 229 tot en met 231 en de nummers 269B tot en met 269D van dit Verdrag bedoelde entiteiten en organisaties die bevoegd zijn deel te nemen aan de werkzaamheden van elke Sector, en publiceert en verzendt deze lijsten met een passende frequentie aan alle betrokken Lidstaten en Sectorleden alsmede aan de directeur van het betrokken Bureau. Die directeur brengt deze entiteiten en organisaties op de hoogte van de maatregelen die naar aanleiding van hun verzoeken zijn genomen, en brengt de desbetreffende Lidstaten op de hoogte.
238 PP-98 8. De voorwaarden voor deelname in de Sectoren door de op de in nummer 237 bedoelde lijsten vermelde entiteiten en organisaties worden genoemd in dit artikel, in artikel 33 en in andere relevante bepalingen van dit Verdrag. De bepalingen van de nummers 25 tot en met 28 van het Statuut zijn niet op hen van toepassing.
239 PP-94 PP-98 9. Een Sectorlid kan optreden namens de Lidstaat die het heeft goedgekeurd, mits de Lidstaat de directeur van het desbetreffende Bureau ervan op de hoogte brengt dat het daartoe bevoegd is.
240 PP-98 10 Elk Sectorlid heeft het recht een dergelijke deelname op te zeggen door middel van een kennisgeving aan de Secretaris-Generaal. Een dergelijke deelname kan, in voorkomend geval, eveneens worden opgezegd door de betrokken Lidstaat of, in geval van een ingevolge nummer 234C hierboven goedgekeurde Lidstaat, in overeenstemming met de door de Raad vastgestelde criteria en procedures. Een dergelijke opzegging wordt van kracht na afloop van zes maanden, te rekenen vanaf de datum waarop de kennisgeving door de Secretaris-Generaal is ontvangen.
241 11. De Secretaris-Generaal verwijdert entiteiten of organisaties die niet langer bevoegd zijn aan de werkzaamheden van een Sector deel te nemen, van de lijst van entiteiten en organisaties, in overeenstemming met de door de Raad vastgestelde criteria en procedures.
241A PP-98 12. De assemblee of conferentie van een Sector kan besluiten entiteiten of organisaties toe te staan als geassocieerd lid deel te nemen aan de werkzaamheden van een bepaalde studiegroep of van subgroepen daarvan, op basis van de hieronder vermelde beginselen:
241B PP-98 1) Een in de nummers 229 tot en met 231 bedoelde entiteit of organisatie kan een aanvraag indienen tot deelname als geassocieerd lid aan de werkzaamheden van een bepaalde studiegroep.
241C PP-98 2) In geval een Sector heeft besloten geassocieerde leden toe te laten, past de Secretaris-Generaal de desbetreffende bepalingen van dit artikel toe op de aanvragers, met inachtneming van de omvang van de entiteit of organisatie en alle overige relevante criteria.
241D PP-98 3) Geassocieerde leden die zijn toegelaten voor deelname in een bepaalde studiegroep worden niet op de in nummer 237 genoemde lijst vermeld.
241E PP-98 4) De voorwaarden die van toepassing zijn op deelname aan de werkzaamheden van een studiegroep zijn vermeld in de nummers 248B en 483A van dit Verdrag.
- Regeling
- Statuut en het Verdrag van de Internationale Unie voor Telecommunicatie
- Soort
- Verdrag
- Geldend vanaf
- 19-07-2013
- BWB-id
- BWBV0001504
- Versie
- 2013-07-19_0