wetzoeker

Artikel 6 Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie

1 De verbintenissen tot verlaging van de interne steun die de Leden hebben opgenomen in Deel IV van hun Lijst gelden voor alle maatregelen inzake interne steun aan landbouwers, behalve de maatregelen die op grond van de criteria die zijn vastgesteld in dit artikel en in Bijlage 2 bij deze Overeenkomst vrijgesteld zijn van de verlagingsverbintenis. De verbintenissen worden uitgedrukt in „Totale Geaggregeerde Steun” en „Geconsolideerd Jaar- en Eindniveau van de Verbintenissen”.

2 Op grond van de MTR-Overeenkomst dat regeringsmaatregelen voor directe of indirecte steun om de ontwikkeling van landbouw en platteland te bevorderen een integrerend deel zijn van de ontwikkelingsprogramma's van ontwikkelingslanden, zijn, in tegenstelling tot wat anders het geval zou zijn geweest, de verbintenissen tot verlaging van de interne steun niet van toepassing op investeringssubsidies die Leden die ontwikkelingslanden zijn algemeen beschikbaar stellen voor de landbouw en evenmin op de inputsubsidies voor de landbouwsector die deze Leden algemeen beschikbaar stellen voor producenten met een laag inkomen of met weinig produktiemiddelen; zulks geldt eveneens voor steun die deze Leden verlenen om producenten aan te moedigen om over te schakelen op de teelt van andere gewassen dan illegale gewassen voor de produktie van drugs. Interne steun die voldoet aan de in dit lid vermelde criteria behoeft niet te worden meegerekend in de Actuele Totale AMS van een Lid.

3 Leden worden geacht hun verbintenis tot verlaging van de interne steun te zijn nagekomen in ieder jaar waarin de interne steun aan landbouwers, uitgedrukt in de Actuele Totale AMS, niet groter is dan de geconsolideerde verbintenis voor een bepaald jaar of de geconsolideerde eindverbintenis die is gespecificieerd in Deel IV van de Lijst van dat Lid.

4

a. Leden zijn niet verplicht om bij de berekening van hun Actuele Totale AMS rekening te houden met en zijn niet verplicht om over te gaan tot verlaging van:

i. produktgebonden interne steun die normaliter meegerekend zou moeten worden, maar die niet groter is dan 5% van de totale produktiewaarde van een referentielandbouwprodukt van dat Lid in het betrokken jaar, en

ii. niet-produktgebonden interne steun die normaliter meegerekend zou moeten worden, maar die niet groter is dan 5% van de totale produktiewaarde van de landbouw van dat Lid.

b. Voor Leden die ontwikkelingslanden zijn bedraagt het de-minimis-percentage op grond van dit lid 10%.

5

a. Directe betalingen in het kader van programma's voor produktiebeperking vallen niet onder de verbintenis tot verlaging van de interne steun, op voorwaarde dat

i. dergelijke betalingen gebaseerd zijn op een bepaalde oppervlakte en een bepaalde opbrengst, of

ii. dergelijke betalingen gebaseerd zijn op niet meer dan 85% van het basisniveau van de produktie, of

iii. betalingen per dier gebaseerd zijn op een bepaald aantal dieren.

b. De vrijstelling van de steunverlagingsverbintenis wordt voor de directe betalingen die aan bovengenoemde criteria voldoen, gerealiseerd door bij de berekening van de Actuele Totale AMS van een Lid geen rekening te houden met de waarde van deze directe betalingen.

Regeling
Overeenkomst tot oprichting van de Wereldhandelsorganisatie
Afkortingen
GATS, GATT 1994, TRIPS, WTO, WTO Oprichting
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
23-01-2017
BWB-id
BWBV0001160
Versie
2017-01-23_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl