wetzoeker

Artikel 12 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken

1 Een gedetineerde in de aangezochte Staat kan op verzoek van de verzoekende Staat tijdelijk worden overgebracht naar de verzoekende Staat om getuigenverklaringen af te leggen of om medewerking te verlenen aan onderzoeken.

2 De aangezochte Staat brengt een gedetineerde niet over naar de verzoekende Staat zonder de instemming van de gedetineerde.

3 Zolang de oorspronkelijke straftijd van een gedetineerde in de aangezochte Staat niet is verstreken, houdt de verzoekende Staat de gedetineerde in bewaring en doet hij de betrokken gedetineerde zo spoedig mogelijk in detentie terugkeren naar de aangezochte Staat.

4 Wanneer de opgelegde straftijd van een uit hoofde van dit artikel overgebrachte persoon verstrijkt terwijl deze persoon zich in de verzoekende Staat bevindt, wordt deze persoon daarna in vrijheid gesteld en behandeld als een persoon zoals bedoeld in artikel 13.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-06-1991
BWB-id
BWBV0001044
Versie
1991-06-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl