wetzoeker

4.1.1 — Algemeen Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmtebedrijven 2027

Algemeen

42. Deze RAR gebruiken het woord ‘bestedingen’ als equivalent voor het IFRS begrip ‘kostprijs van een vast actief’.

3 Het begrip bestedingen is hetzelfde als uitgaven rekening houdend met de verplichtingen. Zo leidt een factuur voor de

aanleg van een leiding in december van jaar t tot (indien in gebruik genomen) een activeerbaar bedrag in jaar t, waarbij de

uitgaaf (betaling van de factuur) plaatsvindt in januari van jaar t + 1.

Activa in aanbouw

43. Activa in aanbouw of in bestelling of die om andere redenen nog niet in gebruik zijn genomen maken geen deel uit van de gestandaardiseerde activawaarde en worden gescheiden van de reeds in gebruik genomen activa inzichtelijk gemaakt in de reguleringsdata.

Desinvesteringen

44. Desinvesteringen ontstaan wanneer een actief verwijderd of verkocht wordt, ongeacht of het actief al geheel is afgeschreven of niet. Voorbeelden zijn het buitengebruikstellen of verwijderen van (een deel van) het net. Als desinvestering dient het warmtebedrijf het oorspronkelijke investeringsbedrag te rapporteren verminderd met eventuele bijdragen van derden of subsidies.

45. Het warmtebedrijf geeft opbrengsten die op enigerlei wijze samenhangen met de desinvestering op. Ingeval van desinvesteringen dienen in de reguleringsdata het oorspronkelijke jaar van verkrijging of vervaardiging van het betreffende actief te worden vermeld.

Bijzondere waardeverminderingen

46. Bijzondere waardeverminderingen doen zich regulatorisch in beginsel niet voor, omdat de GAW een basis vormt voor het bepalen van de hoogte van de tarieven. Indien het warmtebedrijf van mening is dat mogelijk sprake is van een bijzondere waardevermindering treedt hij in overleg met de ACM. Op basis van dat overleg neemt de ACM een standpunt in over het opnemen van de bijzondere waardevermindering in de reguleringsdata van het warmtebedrijf. De reguleringsdata bevatten uitsluitend een bijzondere waardevermindering indien de ACM daarmee vooraf akkoord is.

Overname collectieve warmtevoorziening

47. Wanneer een vast actief na 1 januari 2027 wordt verkregen bij een fusie of overname, vindt verwerking in de reguleringsdata plaats tegen de verkrijgingsprijs op het moment van de overname, tenzij het overgenomen actief:

a) deel uitmaakt van de activa waarvoor de ACM een gestandaardiseerde activawaarde vaststelt (waaronder de start-GAW); of

b) verkregen is van een groepsmaatschappij van het warmtebedrijf.

48. Wanneer, zoals beschreven in randnummer 4749a, een vast actief dat reeds door de ACM was of wordt betrokken in zijn reguleringsmethoden wordt verkregen bij een fusie of overname, vindt verwerking in de reguleringsdata plaats tegen de GAW die de ACM voor dat actief voorschrijft op het moment van verkrijging. Indien de GAW hoger is dan de verkrijgingsprijs, legt het warmtebedrijf de casus vóór verwerking van de reguleringsdata voor aan de ACM, waarna de ACM kan besluiten dat het warmtebedrijf het desbetreffende actief in de reguleringsdata verwerkt tegen de verkrijgingsprijs. Het warmtebedrijf neemt in de toelichting de volgende informatie op:

a) de aard van de activa;

b) het moment van verkrijging;

c) de laatst bekende GAW van het overgedragen actief op het moment van verkrijging (indien bekend);

d) de verkrijgingsprijs;

e) de resterende afschrijvingstermijn; en

f) de naam van het andere warmtebedrijf.

49. Wanneer, zoals beschreven in randnummer 47b, een vast actief wordt verkregen van een groepsmaatschappij van het warmtebedrijf vindt verwerking in de reguleringsdata plaats conform de regels in deze RAR over interne verrekenprijzen. Het warmtebedrijf neemt in de toelichting de volgende informatie op:

a) de aard van de activa;

b) het moment van ingebruikname door het warmtebedrijf; en

c) de verkrijgingsprijs.

Bijdragen van derden

50. Van derden ontvangen bijdragen worden, met inachtneming van het matchingbeginsel, in mindering gebracht op de geactiveerde bestedingen. Het gaat hierbij in ieder geval om matching van materiële van derden ontvangen bijdragen, conform de matching die is toegepast in de jaarrekening van het warmtebedrijf.

51. Het warmtebedrijf specificeert bijdragen van derden die niet in mindering komen op de toegestane kosten, waarvan sprake is als:

a) in de voorwaarden bij de subsidieverlening expliciet is opgenomen dat de inkomsten uit subsidie niet in mindering hoeven te worden gebracht op de toegestane kosten; en

b) bijdragen van derden zijn verstrekt met het doel om de tarieven voor het transport en de levering van warmte voor een specifieke groep verbruikers te verminderen.

Leasing

52. Voor zover bij een warmtebedrijf sprake is van leaseovereenkomsten (bij toepassing IFRS betreft dit IFRS16), dient het warmtebedrijf deze in de reguleringsdata op te nemen op dezelfde wijze waarop hij dat in zijn eigen jaarrekening (of bij een 403 de jaarrekening van de holding) verwerkt of zal verwerken.

Activering vs. onderhoud

53. Bestedingen na de ingebruikname van een gekocht of zelf vervaardigd actief (bijvoorbeeld de kosten voor onderhoud) dienen als operationele kosten te worden verantwoord, tenzij activering vereist is omdat:

a) sprake is van verlenging van een levensduur met minimaal vijf jaren;

b) het waarschijnlijk is dat de bestedingen zullen leiden tot een toename van de verwachte toekomstige economische voordelen; en

c) de vaststelling van de bestedingen en de toerekening aan het actief op een betrouwbare wijze kunnen geschieden.

Regeling
Besluit tot vaststelling van de Regulatorische accountingregels (RAR) warmtebedrijven 2027
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
18-09-2026
BWB-id
BWBR0053124
Versie
2026-09-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl