wetzoeker

Bijlage — Referentiewaarden risicobeoordeling Beleidsregel allergenenetikettering uit voorzorg

Referentiewaarden risicobeoordeling

(Bijlage als bedoeld in artikel 2, tweede en derde lid, van de Beleidsregel allergenenetikettering uit voorzorg)

Allergeen | Aanbevolen referentiedosis op basis van ED05 (mg totaal eiwit van het allergeen)

Ei | 2,0

Lupine | 15,0

Melk | 2,0

Mosterd | 0,40

Noten:

– Amandel | 1,0

– Cashewnoot | 1,0

– Hazelnoot | 3,0

– Macademianoot | 1,0

– Paranoot | 1,0

– Pecannoot | 1,0

– Pistachenoot | 1,0

– Walnoot | 1,0

Pinda | 2,0

Schaaldieren | 200,0

Selderij | 1,0

Sesam | 2,0

Soja | 10,0

Tarwe / Glutenbevattende granen | 5,01

Vis | 5,0

Weekdieren | 20,0

1 Voor glutenbevattende granen wordt de referentiewaarde van tarwe aangehouden van 5,0 mg, tenzij in het eindproduct de concentratie van 20 mg/kg gluten wordt overschreden. Dan geldt dat als grens.

Omrekening referentiedosis (RfD) naar actielimiet

Deze referentiedosis moet omgerekend worden naar een concentratie in mg/kg (ppm), de zogeheten actielimiet. De omrekening van de absolute hoeveelheid van de referentiedosis naar een actielimiet volgt hieronder.

De referentiedosis is een absolute hoeveelheid eiwit van een allergeen (mg) per dosering / eetmoment. Dit is niet gelijk aan een concentratie (mg eiwit van een allergeen / kg product = ppm). Voor het omrekenen van de RfD naar een actielimiet wordt de volgende formule gebruikt:

Regeling
Beleidsregel allergenenetikettering uit voorzorg
Soort
Beleidsregel
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0050972
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl