wetzoeker

Artikel 7 Regeling specifieke uitkering COVID-19-vaccinatie

1 De aanvraag tot verlening van een specifieke uitkering als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt uiterlijk op 31 augustus 2026 ontvangen.

2 Voor de aanvraag tot verlening wordt een door de minister vastgesteld formulier gebruikt.

3 De minister beslist binnen 13 weken na sluiting van de aanvraagtermijn, genoemd in het eerste lid, op een aanvraag tot verlening van een specifieke uitkering.

4 Het besluit tot verlening vermeldt in elk geval voor welke activiteiten de uitkering wordt verleend, het bedrag van de uitkering, de periode waarvoor de uitkering wordt verleend en de wijze waarop de verantwoording plaatsvindt.

5 De Minister verleent bij het besluit tot verlening van de uitkering een voorschot van 100% dat in één keer wordt betaald.

Regeling
Regeling specifieke uitkering COVID-19-vaccinatie
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
08-07-2026
BWB-id
BWBR0048308
Versie
2026-07-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl