wetzoeker

Artikel 3.1 Subsidieregeling onderzoeks- en verbetercultuur funderend onderwijs 2023–2027

Subsidie onderzoeksfase

1 Na het pilotjaar beslist de minister over voortzetting van het verder uitvoeren van de werkwijze op 240 scholen per subsidieontvanger als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, in de onderzoeksfase.

2 Indien het in het eerste lid bedoelde besluit positief is, kan de minister aan organisaties aan wie eerder op grond van artikel 2.1, eerste lid, subsidie is verstrekt, eveneens subsidie verstrekken voor het uitvoeren van de werkwijze in de onderzoeksfase. Indien de minister negatief besluit over voortzetting van het verder uitvoeren van de werkwijze in de onderzoeksfase door een organisatie, ontvangt die organisatie geen subsidie voor de onderzoeksfase.

3 Het subsidiebedrag per organisatie bedraagt ten hoogste € 4.800.000,–. Artikel 2.1, derde lid, is van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Subsidieregeling onderzoeks- en verbetercultuur funderend onderwijs 2023–2027
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
02-09-2023
BWB-id
BWBR0047399
Versie
2023-09-02_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl