wetzoeker

Artikel 7 Wet erkenning Nederlandse Gebarentaal

Nadere bepalingen over het gebruik van de Nederlandse gebarentaal in het bestuurlijk verkeer en rechtsverkeer

1 Indien een verdachte, partij, getuige of belanghebbende zich ter terechtzitting op de voet van artikel 6 wil bedienen van de Nederlandse Gebarentaal, bepaalt de rechter die de leiding van de zitting heeft ambtshalve of op verzoek zonodig dat bijstand wordt verleend door een tolk. Artikel 276 van het Wetboek van Strafvordering is van toepassing indien het onderzoek ter terechtzitting plaatsvindt in het kader van een strafzaak.

2 De vergoeding aan de tolk die ingevolge het eerste lid is opgetreden, komt ten laste van het Rijk.

3 In afwijking van het tweede lid kan de rechter bepalen dat in een civiele zaak de vergoeding aan de tolk ten laste komt van degene op wiens verzoek bijstand door een tolk wordt verleend, indien achteraf blijkt dat de kosten voor bijstand door een tolk, nodeloos zijn aangewend.

Regeling
Wet erkenning Nederlandse Gebarentaal
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2021
BWB-id
BWBR0045012
Versie
2021-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl