wetzoeker

Artikel 37 OER vernieuwde BA

Beoordeling van toetsen

1 De beoordeling van een toets gebeurt door een beoordelaar, die daartoe aangewezen is door de examencommissie.

2 Het is de beoordelaar, bedoeld in het eerste lid, niet toegestaan een kantoorgenoot of een stagiaire over wie hij het patronaat uitoefent of die hij anderszins in overwegende mate begeleidt te examineren. Zo nodig wijst de examencommissie een andere beoordelaar aan.

3 De beoordeling gebeurt aan de hand van de methode, bedoeld in artikel 3, derde lid, onder a, b en c en omvat het oordeel ‘voldoende’ of ‘onvoldoende’.

4 Indien een beoordelaar de prestatie van de stagiaire voor de toets of onderdelen van die toets als onvoldoende beoordeelt, vraagt hij een tweede beoordelaar uit het team om zijn oordeel. De gezamenlijke beoordeling wordt aan de examencommissie overhandigd.

Regeling
OER vernieuwde BA
Soort
PBO-regeling
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBR0044517
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl