wetzoeker

Artikel XI Spoedreparatiewet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen

Een voor de inwerkingtreding van deze wet op grond van het Wetboek van Strafvordering bevolen tenuitvoerlegging vanwege overtreding van de algemene voorwaarde dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit, wordt, behoudens de gevallen waarin op grond van artikel 6:6:20 van dat wetboek is besloten tot voorlopige tenuitvoerlegging, pas ten uitvoer gelegd nadat onherroepelijk is komen vast te staan dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit. Indien na aanwending van een rechtsmiddel niet onherroepelijk komt vast te staan dat de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig heeft gemaakt aan een strafbaar feit, vervalt een gegeven bevel tot tenuitvoerlegging van rechtswege. In die gevallen is artikel 537 van het Wetboek van Strafvordering van overeenkomstige toepassing.

Regeling
Spoedreparatiewet herziening tenuitvoerlegging strafrechtelijke beslissingen
Soort
Wet
Geldend vanaf
01-07-2025
BWB-id
BWBR0043800
Versie
2025-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl