wetzoeker

Artikel 4 Besluit uitvoerings- en handhavingsvoorzieningen Wet bestrijding maritieme ongevallen

1 Documenten die op grond van artikel 3 krachtens mandaat, volmacht of machtiging ondertekend worden, worden gesteld op briefpapier van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu met het hoofd:

‘MINISTERIE VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU’

en daaronder de vermelding ‘Rijkswaterstaat’

2 Een document als bedoeld in het eerste lid, op grond van artikel 3, eerste lid, krachtens mandaat vastgesteld door de voorzitter van het Regionaal Beheersteam Noordzeerampen, vermeldt aan het slot:

‘DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

namens deze,

DE VOORZITTER VAN HET REGIONAAL BEHEERSTEAM NOORD-ZEERAMPEN,’

gevolgd door de handtekening en de naam van de voorzitter.

3 Een document als bedoeld in het eerste lid, op grond van artikel 3, eerste lid, krachtens mandaat vastgesteld door de plaatsvervangend voorzitter van het Regionaal Beheersteam Noordzeerampen, vermeldt aan het slot:

‘DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

namens deze,

DE PLV VOORZITTER VAN HET REGIONAAL BEHEERSTEAM NOORDZEERAMPEN,’

gevolgd door de handtekening en de naam van de plaatsvervangend voorzitter.

4 In geval van volmacht of machtiging luidt de ondertekening als volgt:

‘NAMENS DE STAAT DER NEDERLANDEN,

DE MINISTER VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

namens deze,

DE VOORZITTER’, respectievelijk ‘DE PLV VOORZITTER VAN HET REGIONAAL BEHEERSTEAM NOORD-ZEERAMPEN,’

gevolgd door de handtekening en de naam van de gevolmachtigde of gemachtigde functionaris.

Regeling
Besluit uitvoerings- en handhavingsvoorzieningen Wet bestrijding maritieme ongevallen
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-07-2019
BWB-id
BWBR0037411
Versie
2019-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl