wetzoeker

Artikel 7 Regeling normen WSF 2000, WTOS en WSF BES

Normen WSF 2000 en BSF 2000

Met ingang van 1 januari 2026 luiden de bedragen, genoemd in de overzichten 1, 2 en 3 van artikel 3.18 van de WSF 2000, als volgt:

Overzicht 1. Normbedragen voor de kosten van levensonderhoud

A. Beroepsonderwijs

Normbedrag thuiswonend | € 657,49

Normbedrag uitwonend | € 928,58

B. Hoger onderwijs

Normbedrag thuiswonend | € 936,46

Normbedrag uitwonend | € 1.130,77

Overzicht 2. Financieringsbronnen

A. Beroepsonderwijs

Basisbeurs (exclusief toeslag eenoudergezin)

• Thuiswonend | € 107,26

• uitwonend | € 350,03

Basislening

• thuis- en uitwonend | € 233,65

Maximale aanvullende beurs/lening of veronderstelde ouderlijke bijdrage1

• thuiswonend | € 316,58

• uitwonend | € 344,90

B. Hoger onderwijs

Basisbeurs

• Thuiswonend | € 130,21

• Uitwonend | € 324,52

Basislening | € 315,17

Maximale aanvullende beurs/lening of veronderstelde ouderlijke bijdrage | € 491,08

1 Voor mbo-studenten die lesgeld verschuldigd zijn, wordt de maximale aanvullende beurs/lening ingevolge artikel 3.2, derde lid, van de Wet studiefinanciering 2000 vanaf 1 januari 2026 verhoogd met € 121,50 en per 1 augustus 2026 met € 125,92 per maand.

Overzicht 3. Aanvullende financieringsbron

Hoger onderwijs | Beroepsonderwijs

Toeslag eenoudergezin | € 327,15 | € 327,15

Regeling
Regeling normen WSF 2000, WTOS en WSF BES
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-01-2026
BWB-id
BWBR0035939
Versie
2026-01-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl