wetzoeker

Artikel 29 Rijkswet Raad voor de rechtshandhaving

Bevoegdheden van de Raad

1 Het ten aanzien van de Raad gestelde in de artikelen 22 tot en met 28 geldt ook voor daartoe door de Raad aangewezen personen, voor zover de Raad in de aanwijzing vermeldt over welke bevoegdheden deze personen beschikken. Deze bevoegdheden worden vermeld in het legitimatiebewijs, bedoeld in artikel 23, derde lid.

2 De Raad kan personen als bedoeld in het eerste lid slechts aanwijzen uit de kring van leden van de Raad, medewerkers van het secretariaat en deskundigen als bedoeld in artikel 18, eerste lid.

3 De op grond van het eerste lid aangewezen deskundigen handelen bij de uitoefening van de bevoegdheden onder verantwoordelijkheid van de Raad.

Regeling
Rijkswet Raad voor de rechtshandhaving
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
10-10-2010
BWB-id
BWBR0028075
Versie
2010-10-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl