wetzoeker

Artikel X Besluit modern migratiebeleid

1 Een op het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet Modern migratiebeleid geldige verblijfsvergunning, verleend onder een beperking als genoemd in kolom A, wordt vanaf dat tijdstip aangemerkt als een verblijfsvergunning, verleend onder een beperking als genoemd in kolom B:

A | B

Gezinshereniging of gezinsvorming | Familie- of gezinslid

Verblijf ter adoptie | Familie- of gezinslid

Verblijf als pleegkind | Familie- of gezinslid

Afwachten van onderzoek naar de geschiktheid van de aspirant-adoptiefouders, bedoeld in artikel 11 van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie | Familie- of gezinslid

Het verrichten van arbeid als geestelijk voorganger of godsdienstleraar | Arbeid in loondienst

Verblijf als stagiaire of practicant | Lerend werken

Het volgen van studie | Studie

De voorbereiding op studie | Studie

Verblijf als economisch niet-actieve langdurig ingezetene | Verblijf als economisch niet-actieve langdurig ingezetene of vermogende vreemdeling

Verblijf als au pair | Uitwisseling

Verblijf in het kader van uitwisseling | Uitwisseling

De vervolging van mensenhandel | Tijdelijke humanitaire gronden

Verblijf als vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken | Tijdelijke humanitaire gronden

Voortgezet verblijf | Niet-tijdelijke humanitaire gronden

Wedertoelating | Niet-tijdelijke humanitaire gronden

2 Voor de toepassing van de bepaling in kolom A wordt met de verblijfsvergunning onder een beperking verband houdend met het verblijfsdoel in kolom B gelijk gesteld de verblijfsvergunning, die voor inwerkingtreding van dit besluit is verleend onder een beperking verband houdend met het verblijfsdoel in kolom C:

A | B | C

artikel 3.39 | Lerend werken | verblijf als stagaire; verblijf als practicant

artikel 3.43, eerste lid, onder c | Uitwisseling | verblijf als au pair; verblijf in het kader van uitwisseling

artikel 3.50, eerste lid, onder a; artikel 3.51, eerste lid, onder a, onder 1°, en onder c; artikel 3.86, dertiende lid; artikel 3.90, eerste lid | Familie- of gezinslid | verblijf in het kader van gezinshereniging of gezinsvorming; verblijf ter adoptie; verblijf als pleegkind; verblijf in afwachting van onderzoek naar de geschiktheid van de aspirant-adoptiefouders, bedoeld in artikel 11 van de Wet opneming buitenlandse kinderen ter adoptie

artikel 3.51, eerste lid, onder a, onder 3° | Tijdelijke humanitaire gronden | verblijf als alleenstaande minderjarige vreemdeling; verblijf als vreemdeling die buiten zijn schuld niet uit Nederland kan vertrekken

3 Onze Minister kan nadere regels stellen omtrent de verblijfsvergunningen, verleend onder een andere beperking als bedoeld in artikel 3.4, derde lid.

Regeling
Besluit modern migratiebeleid
Soort
AMvB
Geldend vanaf
01-10-2013
BWB-id
BWBR0027992
Versie
2013-10-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl