wetzoeker

Artikel 2.6 Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid

Meldingen bij aanvang ongeoorloofde afwezigheid

1 De directeur meldt de ongeoorloofde afwezigheid behorend tot groep A onmiddellijk na constatering ervan telefonisch aan:

a. het Landelijk Meldpunt;

b. de divisiedirecteur GW/VB; de directeur stelt daartoe de door de divisiedirecteur aangewezen ambtenaar telefonisch op de hoogte.

2 De directeur zendt binnen één uur na constatering van de ongeoorloofde afwezigheid het door het hoofd van de DJI vastgestelde meldingsformulier per elektronische post aan het Landelijk Meldpunt.

3 De directeur zendt uiterlijk de eerstvolgende werkdag het door het hoofd van de DJI vastgestelde meldingsformulier per elektronische post aan de divisiedirecteur GW/VB; de directeur zendt dit formulier daartoe aan de door de divisiedirecteur aangewezen ambtenaar.

4 De directeur meldt de ongeoorloofde afwezigheid uiterlijk de eerstvolgende werkdag elektronisch aan de divisiedirecteur IZ door middel van registratie in het Centraal Register Onttrekkingen.

5 De directeur zendt zo spoedig mogelijk het penitentiair dossier van de ongeoorloofd afwezige naar de divisiedirecteur IZ.

Regeling
Regeling melding ongeoorloofde afwezigheid
Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
04-09-2025
BWB-id
BWBR0023428
Versie
2025-09-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl