2.52 — lichamelijke opvoeding 2 Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
lichamelijke opvoeding 2
BB | KB | GL/TL
LO1/K/1 | Oriëntatie op leren en werken
1. | De kandidaat kan het belang van bewegen en sport binnen de eigen loopbaan, vrijwilligerswerk en in de maatschappij verwoorden. | | | x
LO2/K/2 | Basisvaardigheden
2. | De kandidaat kan basisvaardigheden toepassen die betrekking hebben op communiceren, samenwerken en informatie verwerven en verwerken. | | | x
LO2/K/3 | Leervaardigheden in het vak lichamelijke opvoeding
3. | De kandidaat ontwikkelt een aantal vaardigheden in bewegen en sport, zoals: – Omgaan met regels en een bijdrage leveren aan een sportief verloop en aan de veiligheid van zichzelf en anderen; – Regeltaken uitvoeren om samen bewegingssituaties op gang te kunnen brengen en houden; – In bewegingssituaties omgaan met aspecten als lukken en mislukken en winst en verlies; – Omgaan met verschillen in prestatieniveau, motieven, interesses, culturele achtergronden en geslacht binnen bewegingssituaties; – Zich oriënteren op de eigen sportloopbaan en eigen voorkeuren aangeven ten aanzien van bewegen en sport; – Kritisch reflecteren op opgedane ervaringen in relatie tot eigen wensen, motieven en mogelijkheden. | | | x
LO2/K/4 | Spel
4. | De kandidaat kan samen met anderen minimaal één doelspel, twee terugslagspelen, één honkloopspel en diverse tikspelen uitvoeren, waarbij het gaat om verdieping ten opzichte van LO1. | | | x
LO2/K/5 | Turnen
5. | De kandidaat kan alleen en samen met anderen twee verschillende vormen van turnen uitvoeren, waarbij het gaat om verdieping ten opzichte van LO1. | | | x
LO2/K/6 | Bewegen op muziek
6. | De kandidaat kan twee vormen van bewegen op muziek uitvoeren, waarbij het gaat om verdieping ten opzichte van LO1. | | | x
LO2/K/7 | Atletiek
7. | De kandidaat kan alleen en samen met anderen minimaal één loop-, één spring en één werponderdeel uitvoeren, waarbij het gaat om verdieping ten opzichte van LO1. | | | x
LO2/K/8 | Zelfverdediging
8. | De kandidaat kan samen met anderen één vorm van zelfverdediging uitvoeren, waarbij het gaat om verdieping ten opzichte van LO1. | | | x
LO2/K/9 | Actuele bewegingsactiviteiten
9. | De kandidaat kan alleen of samen met anderen twee nieuwe, actuele bewegingsactiviteiten uitvoeren. | | | x
LO2/K/10 | Bewegen regelen
10. | De kandidaat kan alleen of samen met anderen diverse regeltaken uitvoeren en één regelende rol uitvoeren waarbij de kandidaat niet zelf als beweger is betrokken. | | | x
LO2/K/11 | Bewegen en samenleving en gezondheid
11. | De kandidaat kan verschillende betekenissen van bewegen en sport aangeven in de samenleving en ook de meer persoonlijke waarde en motieven voor deelname. | | | x
12. | De kandidaat kan: – deelnemen aan een trainings- en fitnessprogramma, – de betekenis van bewegen en sport aangeven voor de gezondheid in ruime zin, – eerste hulp verlenen bij eenvoudige blessures, – afspraken maken die de veiligheid bevorderen | | | x
LO2/K/12 | Beroepspraktijkvorming
13. | De kandidaat kan zich oriënteren op beroep of vrijwilligerswerk door het vervullen van (regel)taken in het werkveld van sport en bewegen. | | | x
- Regeling
- Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 01-08-2026
- BWB-id
- BWBR0022061
- Versie
- 2026-08-01_0