2.19 — economie Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
economie
BB | KB | GL/TL
EC/K/1 | Oriëntatie op leren en werken
De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan en het belang van economie in de maatschappij. | X | X | X
EC/K/2 | Basisvaardigheden
De kandidaat kan basisvaardigheden toepassen die betrekking hebben op communiceren, samenwerken en informatie verwerven en verwerken. | X | X | X
EC/K/3 | Leervaardigheden in het vak economie | CE | CE | CE
De kandidaat kan strategische vaardigheden toepassen die bijdragen tot de ontwikkeling van het eigen leervermogen en het vermogen met economische vaktaal te communiceren en onderzoek te doen. | X | X | X
EC/K/4A | Consumptie | CE | CE | CE
De kandidaat heeft inzicht in aspecten van het consumentengedrag, zoals keuzes, behoeften, inkomen en in de functies van het geld, lenen en sparen en kan dit inzicht toepassen in een gegeven casus. | X | X | X
EC/K/4B | Consumptie en consumentenorganisaties
De kandidaat heeft inzicht in het bankwezen, zoals verkrijgen van vreemd geld, spaarvormen en leningsvormen, en in motieven en kenmerken van verzekeringen en kan hierbij informatie van consumentenorganisaties gebruiken. | X | X | X
EC/K/5A | Arbeid en productie | CE | CE | CE
De kandidaat heeft inzicht in aspecten van het producentengedrag zoals kosten, opbrengsten, winst, toegevoegde waarde, arbeid, arbeidsverdeling, arbeidsproductiviteit, werkgelegenheid, werkloosheid en kan dit inzicht toepassen in een gegeven casus. | X | X | X
EC/K/5B | Arbeid en bedrijfsleven
De kandidaat heeft inzicht in de productie van goederen en diensten en in de fasen die een product doorloopt vanaf de producent van grondstoffen tot en met de detaillist/ winkelier, en kan voorbeelden geven van beroepen/ werkzaamheden die typerend zijn voor verschillende economische sectoren. | X | X | X
EC/K/6 | Overheid en bestuur | | | CE
De kandidaat heeft inzicht in de sociale, economische en financiële functies van de overheid en kan dit inzicht toepassen in een gegeven casus. | X | X | X
EC/K/7 | Internationale ontwikkelingen | CE | CE | CE
De kandidaat heeft inzicht in internationale economische betrekkingen zoals Nederland als open economie, de Europese Unie, ontwikkelingsproblematiek en kan dit inzicht toepassen in een gegeven casus. | X | X | X
EC/K/8 | Natuur en milieu
De kandidaat heeft inzicht in de samenhang tussen consumptie, productie en het milieu, en kan aan de hand van voorbeelden op het gebied van milieuschade de rol van overheid, maatschappelijke organisaties en individuele personen beschrijven. | X | X | X
EC/V/1 | Verrijkingsstof | | | CE
De kandidaat heeft inzicht in de achtergronden van de problematiek betreffende: de ontwikkeling van het begrotingstekort en de staatsschuld de systematiek en uitgangspunten van loon- en inkomstenbelasting de oorzaken en gevolgen van de waardeverandering van geld de prijscompensatie als middel om koopkrachtverlies tegen te gaan en kan dit inzicht toepassen in een gegeven casus. | | | X
EC/V/2 | Verwerven, verwerken en verstrekken van informatie
De kandidaat kan zelfstandig informatie verwerven, verwerken en verstrekken in het kader van het sectorwerkstuk. | | | X
EC/V/3 | Vaardigheden in samenhang | | | CE
De kandidaat kan de vaardigheden uit het kerndeel in samenhang toepassen. | | | X
- Regeling
- Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 01-08-2026
- BWB-id
- BWBR0022061
- Versie
- 2026-08-01_0