Bevoegd gezag kiest een van de drie keuze eindtermen (16, 17, 18) Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
Keuze eindterm 16 | Diensten
Doelzin | De leerling ontwikkelt een dienst op basis van onderzoek.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • analyseren van de behoeften van de doelgroep op basis van onderzoeksgegevens; • ontwikkelen van een dienst die aansluit bij de onderzoeksresultaten; • testen van de dienst met een kleine groep gebruikers; • verbeteren van de dienst op basis van gebruikersonderzoek.
Keuze eindterm 17 | Producten
Doelzin | De leerling ontwerpt een product voor een maatschappelijk vraagstuk.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • uitwerken van verschillende ontwerpen; • beoordelen of ontwerpen bijdragen aan de circulaire economie; • onderbouwen van de keuze voor een ontwerp; • realiseren van het ontwerp; • testen van het ontwerp.
Keuze eindterm 18 | Processen
Doelzin | De leerling verbetert een proces op basis van onderzoek.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • analyseren van het proces en knelpunten verzamelen; • opstellen van de doelen ter verbetering van: kosten, tijd en duurzaamheid; • testen van verschillende voorstellen voor de verbetering van het proces; • onderbouwen van de keuze voor een definitief voorstel.
Eindterm 19 | Onderzoek uitvoeren
Doelzin | De leerling onderzoekt een vraagstuk aan de hand van een onderzoeksvraag.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • formuleren van hoofdvraag en deelvragen; • selecteren en maken van middelen die gebruikt worden om gegevens te verzamelen; • verzamelen van data; • interpreteren van data; • visualiseren en communiceren van onderzoeksresultaten.
Eindterm 20 | Expert bevragen
Doelzin | De leerling bevraagt een expert bij het realiseren van praktijkgerichte opdrachten.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • formuleren van de hulpvraag en deze onderbouwen; • selecteren van de expert met de juiste kennis, ervaring en achtergrond; • verwerken van opgehaalde kennis en vaardigheden en bronnen vermelden; • evalueren van de samenwerking met de expert.
Eindterm 21 | Omgaan met anderen
Doelzin | De leerling gebruikt kennis over het menselijk gedrag bij de omgang met anderen.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • rekening houden met ervaringen en perspectieven van anderen; • benoemen van het eigen perspectief en standpunt innemen; • reflecteren op het effect van eigen handelen in omgang met anderen.
Eindterm 22 | Inwinnen van informatie bij overheid en lokale instanties
Doelzin | De leerling betrekt wet- en regelgeving bij het werken aan praktijkgerichte opdrachten.
Uitwerking | Het gaat hierbij om: • bepalen welke wetten, regels en voorschriften van toepassing zijn; • verzamelen en verwerken van informatie over procedures bij overheid en lokale instanties.
Einterm 23 | Duurzame ontwikkelingsdoelen
Doelzin | De leerling verwoordt waarden over duurzame ontwikkelingsdoelen voor zichzelf, de samenleving en de wereld.
Uitwerking | Het gaat hierbij om ten minste drie van de volgende duurzame ontwikkelingsdoelen: • geen armoede • geen honger • goede gezondheid en welzijn • kwaliteitsonderwijs • gendergelijkheid • eerlijk werk en economische groei • ongelijkheid verminderen • duurzame steden en gemeenschappen • verantwoorde consumptie en productie • vrede, justitie en sterke publieke diensten
- Regeling
- Regeling examenprogramma’s voortgezet onderwijs
- Soort
- Ministeriële regeling
- Geldend vanaf
- 01-08-2026
- BWB-id
- BWBR0022061
- Versie
- 2026-08-01_0