wetzoeker

Artikel 9 Reglement tuchtrechtspraak BKD 2005

Het tuchtgeding in eerste aanleg

1 Een zaak wordt door of namens het bestuur van de Stichting binnen een redelijke termijn na constatering van de overtreding aanhangig gemaakt door middel van een schriftelijke verklaring, inhoudende:

– Een korte omschrijving van de ten laste gelegde overtreding.

– Een verklaring van relevante feiten.

– De naam en het adres van de betrokken aangeslotene of aangeslotenen.

2 Door of namens het bestuur kan bij de in het eerste lid bedoelde schriftelijke verklaring een voorstel worden gevoegd omtrent de toe te passen tuchtrechtelijke maatregel.

3 Tezamen met de in het eerste lid bedoelde schriftelijke verklaring dienen alle op de zaak betrekking hebbende stukken aan het tuchtgerecht te worden overgelegd.

Tevens worden deze stukken gezonden aan de Officier van Justitie, tenzij deze heeft laten weten dat daarvan kan worden afgezien.

4 Het tuchtgerecht neemt de zaak niet in behandeling indien de Officier van Justitie heeft beslist na overleg in het volgende lid, dat de overtreding strafrechtelijk zal worden afgedaan.

5 Het overleg als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Landbouwkwaliteitswet inzake het al of niet strafrechtelijk afdoen van een overtreding, door een aangeslotene begaan, wordt door de directeur van de BKD gevoerd.

Regeling
Reglement tuchtrechtspraak BKD 2005
Soort
ZBO-regeling
Geldend vanaf
27-11-2005
BWB-id
BWBR0017866
Versie
2005-11-27_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl