wetzoeker

Artikel 36 Uitvoeringswet Internationaal Strafhof

Verkorte procedure

1 De persoon wiens voorlopige aanhouding of overlevering vanwege het Strafhof is verzocht, wordt voorafgaand aan ieder verhoor gewezen op de mogelijkheid te verklaren dat hij instemt met onmiddellijke overlevering.

2 Tot de aanvang van de zitting kan hij een verklaring als bedoeld in het eerste lid afleggen ten overstaan van de rechter-commissaris. Tijdens de zitting kan hij de verklaring afleggen ten overstaan van de rechtbank.

3 De opgeëiste persoon kan zich bij het afleggen van de verklaring doen bijstaan door een raadsman. Hierop wordt, zo hij zonder raadsman verschijnt, zijn aandacht gevestigd door de rechter-commissaris.

4 Voordat hij de verklaring aflegt, wordt de opgeëiste persoon over de mogelijke gevolgen daarvan ingelicht. Van de verklaring wordt proces-verbaal opgemaakt.

5 De rechter-commissaris zendt het proces-verbaal aan de officier van justitie.

Regeling
Uitvoeringswet Internationaal Strafhof
Afkortingen
Uw IS
Soort
Rijkswet
Geldend vanaf
01-04-2020
BWB-id
BWBR0013796
Versie
2020-04-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl