wetzoeker

Artikel 5.2 Vreemdelingenbesluit 2000

Vrijheidsbeperkende maatregelen

1 De maatregel van beperking van vrijheid van beweging, bedoeld in artikel 56, eerste lid, van de Wet kan worden opgelegd om doeltreffend te voorkomen dat de vreemdeling onderduikt wanneer er een onderduikrisico is, met name als het gaat om:

a. vreemdelingen die overeenkomstig artikel 17, vierde lid, van de Asiel- en migratiebeheerverordening verplicht zijn om zich in een andere lidstaat te bevinden; of

b. vreemdelingen die zijn overgebracht naar Nederland als lidstaat waar zij overeenkomstig artikel 17, vierde lid, van de Asiel- en migratiebeheerverordening verplicht zijn zich te bevinden nadat zij zijn ondergedoken en zich naar een andere lidstaat hebben begeven.

2 De maatregel, bedoeld in het eerste lid, kan worden opgelegd indien ten minste één van de gronden voor onderduikrisico als bedoeld in artikel 5.6, tweede lid, zich voordoet.

Regeling
Vreemdelingenbesluit 2000
Afkortingen
VB, Vb 2000
Soort
AMvB
Geldend vanaf
12-06-2026
BWB-id
BWBR0011825
Versie
2026-06-12_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl