wetzoeker

Artikel 5 Besluit tot het voeren van het Koninklijk wapen

Na troonsafstand hernemen Wij het door Hare Majesteit de Koningin Wilhelmina in het jaar 1909 voor Ons als Prinses der Nederlanden vastgestelde wapen, zijnde: gevierendeeld: I en IV het in artikel 1 omschreven wapen, (Nassau - Nederland), II en III in goud een jachthoorn van azuur, gesnoerd en geopend van keel, beslagen van zilver (Oranje). Een hartschild van goud met een aanziende stierenkop met afgerukt halsvel van sabel, gehoornd van zilver, getongd van keel en gekroond met een gouden kroon van drie bladeren (Mecklenburg).

Regeling
Besluit tot het voeren van het Koninklijk wapen
Soort
Rijks-KB
Geldend vanaf
19-05-1980
BWB-id
BWBR0003312
Versie
1980-05-19_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl