wetzoeker

Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting

Soort
Ministeriële regeling
Geldend vanaf
01-10-2021
Rechtsgebied
BTW en accijns, Belastingrecht, Formeel belastingrecht
Ministerie
Financiën
BWB-id
BWBR0002363
Versie
2021-10-01_0
SHA-256 bron
4243319f97ea47185ee3c090ec76af1409fd1e4be804053c9eaca1ebab151b45

Officiële tekst op wetten.overheid.nl

Inhoud (6)
  1. Artikel 1
  2. Artikel 1a
  3. Artikel 2
  4. Artikel 3
  5. Artikel 4
  6. Artikel 5

Artikel 1

Voor de toepassing van het bij deze regeling bepaalde wordt verstaan onder:

a. wet:

Wet op de kansspelbelasting;

b. belasting:

kansspelbelasting.

Artikel 1a

Het tijdstip waarop de belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet, in het kalenderjaar is verschuldigd, is:

a. de laatste dag van de kalendermaand waarin de prijs ter beschikking is gesteld, indien:

1°. de inhoudingsplichtige meerdere keren per kwartaal binnenlandse kansspelen organiseert waarop artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de wet van toepassing is; en

b. de laatste dag van het kalenderkwartaal waarin de prijs ter beschikking is gesteld, indien:

1°. de afgedragen belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet, in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren per kwartaal gemiddeld niet meer heeft bedragen dan € 15.000; en

2°. aan de inhoudingsplichtige in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren niet meer dan twee naheffingaanslagen zijn opgelegd ter zake van de belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet.

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

De aanslagbiljetten van de naheffingsaanslagen worden in afwijking van artikel 8 van de Invorderingswet 1990 (Stb. 221) verzonden door de inspecteur.

Artikel 5

1 Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting.

2 Zij treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.