wetzoeker

Artikel 20 Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek India inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken

UITVOERING EN TOEPASSING VAN HET VERDRAG

1 Gestreefd wordt naar de oprichting van een Gezamenlijk Comité voor douanesamenwerking, bestaande uit een gelijk aantal functionarissen van en voorgedragen door de verdragsluitende partijen. Het comité komt bijeen op een plaats en tijd en met een agenda die vooraf door de verdragsluitende partijen gezamenlijk overeen kan worden gekomen.

2 Het Gezamenlijk Comité voor douanesamenwerking houdt zich onder andere bezig met:

a. het toezicht op de goede werking van het Verdrag;

b. het onderzoeken van alle kwesties die voortvloeien uit de toepassing ervan;

c. het nemen van maatregelen die nodig zijn voor douanesamenwerking in overeenstemming met de doelstellingen van dit Verdrag;

d. het uitwisselen van gedachten over punten van gemeenschappelijk belang voor douanesamenwerking, met inbegrip van toekomstige maatregelen en de middelen daarvoor;

e. het aanbevelen van oplossingen die gericht zijn op het bereiken van de doelstellingen van dit Verdrag.

3 Het Gezamenlijk Comité voor douanesamenwerking stelt zijn eigen reglement van orde vast.

Regeling
Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Republiek India inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-05-2026
BWB-id
BWBV0007151
Versie
2026-05-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl