wetzoeker

Nr. I Briefwisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Organisatie voor Atoomenergie (IAEA) inzake de wijziging van Protocol I bij de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het IAEA inzake de toepassing van waarborgen met betrekking tot de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika

INTERNATIONAAL ATOOMENERGIEAGENTSCHAP

De Directeur-Generaal

1 december 2025

Excellentie,

Ik heb de eer te verwijzen naar Protocol Nr. I bij de Overeenkomst van 5 april 1973 tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationaal Atoomenergieagentschap (IAEA) inzake de toepassing van waarborgen met betrekking tot de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika (hierna „het Protocol inzake kleine hoeveelheden” genoemd), dat op 5 juni 1975 in werking is getreden, alsmede naar de besluiten van de Raad van Bestuur van het IAEA van 20 september 2005 met betrekking tot dergelijke protocollen.

In zijn verslag getiteld „Strengthening Safeguards Implementation in States with Small Quantities Protocols” (GOV/2005/33 van 13 mei 2005) vestigde de Directeur-Generaal van het IAEA de aandacht op het feit dat het voor het IAEA noodzakelijk is om initiële rapporten over nucleair materiaal te ontvangen, om informatie te verkrijgen over geplande of bestaande nucleaire installaties en om, indien nodig, inspectieactiviteiten ter plaatse te kunnen uitvoeren voor alle staten met uitgebreide waarborgovereenkomsten. Hij legde uit dat de protocollen inzake kleine hoeveelheden momenteel tot gevolg hebben dat een dergelijke bevoegdheid wordt opgeschort.

De Raad was het eens met de beoordeling van de directeur-generaal en concludeerde op basis van het rapport van de directeur-generaal dat het Protocol inzake kleine hoeveelheden in zijn huidige vorm een zwak punt was in het waarborgsysteem van het IAEA. De Raad heeft besloten dat het Protocol inzake kleine hoeveelheden deel moet blijven uitmaken van het waarborgsysteem van het IAEA, onder voorbehoud van de wijzigingen in de gestandaardiseerde tekst en de wijziging van de criteria voor een Protocol inzake kleine hoeveelheden, zoals voorgesteld in het rapport van de directeur-generaal. De Raad heeft tevens besloten voortaan alleen teksten voor dergelijke protocollen goed te keuren op basis van een herziene gestandaardiseerde tekst en met gewijzigde criteria.

De Raad heeft de directeur-generaal gemachtigd met alle staten met protocollen inzake kleine hoeveelheden briefwisselingen te sluiten ter uitvoering van de herziene gestandaardiseerde tekst en de gewijzigde criteria, en heeft de betrokken staten verzocht deze briefwisselingen zo spoedig mogelijk af te sluiten.

Daarom wordt voorgesteld punt I van het Protocol inzake kleine hoeveelheden als volgt te wijzigen:

I.

1) Tot het tijdstip waarop de Nederlandse Antillen

a) bij vreedzame nucleaire activiteiten op hun grondgebied of onder hun jurisdictie of op enige plaats onder hun beschikkingsmacht, nucleair materiaal hebben in hoeveelheden die de grenzen te boven gaan genoemd voor het betrokken materiaal in artikel 36 van het Verdrag van 5 april 1973 tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Internationale Atoomenergieagentschap (IAEA) inzake de toepassing van waarborgen ten aanzien van de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika (hierna “het Verdrag“ genoemd), of

b) de beslissing heeft genomen om een installatie te bouwen of de bouw ervan toe te staan, zoals gedefinieerd in de begripsomschrijvingen,

wordt de toepassing opgeschort van de bepalingen in Deel II van het Verdrag, met uitzondering van de artikelen 32-38, 40, 48, 49, 59, 61, 67, 68, 70, 72-76, 82, 84-90, 94 en 95.

2) De krachtens artikel 33, onder (a) en (b) van het Verdrag te verstrekken gegevens kunnen worden samengevoegd en ingediend in een jaarverslag; indien van toepassing wordt eveneens een jaarverslag ingediend met betrekking tot de invoer en uitvoer van nucleair materiaal beschreven in artikel 33, onder (c).

3) Ten einde een tijdige afsluiting van de Aanvullende Regelingen als bedoeld in artikel 38 van het Verdrag mogelijk te maken, geven de Nederlandse Antillen

a) het Agentschap tijdig van tevoren kennis van het feit dat zij nucleair materiaal voor vreedzame nucleaire activiteiten in hun grondgebied hebben of onder hun jurisdictie of op enige plaats onder hun beschikkingsmacht, in hoeveelheden die de grenzen vermeld in paragraaf 1 hierboven overschrijden, dan wel

b) geven zij het Agentschap zo spoedig mogelijk kennis van het nemen van het besluit om een installatie te bouwen of de bouw ervan toe te staan,

al naargelang van hetgeen zich het eerst voordoet.

Indien dit voorstel voor uw regering aanvaardbaar is, vormen deze brief en het bevestigende antwoord van uw regering een overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het IAEA om het Protocol inzake kleine hoeveelheden dienovereenkomstig te wijzigen, welke wijzigingen in werking treden op de datum waarop het IAEA dat antwoord ontvangt.

Gelieve, Zijne Excellentie, de verzekering van mijn zeer bijzondere hoogachting wel te willen aanvaarden.

RAFAEL MARIANO GROSSI

Z.E. de heer David van Weel

Minister van Buitenlandse Zaken

Regeling
Briefwisseling houdende een verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Internationale Organisatie voor Atoomenergie (IAEA) inzake de wijziging van Protocol I bij de Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het IAEA inzake de toepassing van waarborgen met betrekking tot de Nederlandse Antillen in verband met het Verdrag inzake de niet-verspreiding van kernwapens en Aanvullend Protocol I bij het Verdrag tot verbod van kernwapens in Latijns-Amerika
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
04-12-2025
BWB-id
BWBV0007133
Versie
2025-12-04_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl