wetzoeker

Aanhangsel — Voorrechten en immuniteiten (artikel 10) Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep

Voorrechten en immuniteiten (artikel 10)

1. Dit aanhangsel is van toepassing op de leden van GRAVO genoemd in artikel 10 van het Verdrag alsmede op andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen. Voor de toepassing van dit aanhangsel omvat de uitdrukking „andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen” mede onafhankelijke nationale deskundigen en de specialisten genoemd in artikel 12, derde en vierde lid, van het Verdrag, medewerkers van de Raad van Europa en tolken in dienst van de Raad van Europa die GRAVO vergezellen tijdens de landenbezoeken.

2. De leden van GRAVO en de andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen genieten bij de uitoefening van hun functie ter zake van de voorbereiding en het afleggen van landenbezoeken, alsmede bij de follow-up daarvan en de reizen in verband met deze functie de volgende voorrechten en immuniteiten:

a. immuniteit van arrestatie of detentie en van inbeslagname van hun persoonlijke bagage en immuniteit van rechtsvervolging met betrekking tot alle door hen in hun officiële hoedanigheid gesproken of geschreven woorden en verrichte handelingen;

b. immuniteit van enige vrijheidsbeperking bij het verlaten van en de terugkeer naar het land waar zij wonen en bij het binnenkomen en verlaten van het land waar zij hun taken uitvoeren en van vreemdelingenregistratie in het land dat zij bezoeken of dat zij passeren bij de uitvoering van hun taken.

3. Tijdens reizen ondernomen bij de uitvoering van hun taken worden leden van GRAVO en de andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen in het kader van douane- en deviezencontroles dezelfde faciliteiten toegekend die worden toegekend aan vertegenwoordigers van buitenlandse regeringen met tijdelijke officiële taken.

4. De documenten met betrekking tot de evaluatie van de uitvoering van het Verdrag die door leden van GRAVO en andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen zijn meegebracht zijn onschendbaar. De officiële correspondentie van GRAVO of de officiële communicatie van leden van GRAVO en andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen mag niet worden geblokkeerd of onderworpen aan censuur.

5. Teneinde de volledige vrijheid van meningsuiting en de volledige onafhankelijkheid bij de uitoefening van hun taken te waarborgen voor de leden van GRAVO en andere leden van de delegaties die landenbezoeken afleggen, wordt hun blijvende immuniteit van rechtsvervolging toegekend met betrekking tot alle door hen in hun officiële hoedanigheid gesproken of geschreven woorden of verrichte handelingen, ook wanneer de desbetreffende personen niet langer betrokken zijn bij de uitvoering van deze taken.

6. De voorrechten en immuniteiten worden de personen genoemd in het eerste lid van dit aanhangsel toegekend ter waarborging van de onafhankelijke uitoefening van hun taken ten behoeve van GRAVO en niet voor persoonlijke doeleinden. De immuniteiten van de personen genoemd in het eerste lid van dit aanhangsel worden opgeheven door de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa in elk geval waarin deze immuniteit naar zijn of haar mening de rechtsgang zou belemmeren en indien dat kan geschieden zonder de belangen van GRAVO te schaden.

Regeling
Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
13-05-2025
BWB-id
BWBV0007100
Versie
2025-05-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl