wetzoeker

Artikel 20 Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep

SLOTBEPALINGEN

1 Elke verdragsluitende partij bij het Verdrag geeft op het tijdstip van ondertekening of bij de nederlegging van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, door middel van een aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa gerichte verklaring, de beroepstitels aan die vallen onder de reikwijdte van dit Verdrag ten behoeve van de uitvoering van artikel 3, onderdeel a. Deze verklaring kan nadien te allen tijde op dezelfde wijze worden gewijzigd. Deze verklaring en eventuele wijzigingen daarvan doen geen afbreuk aan het doel van dit Verdrag en de door dit Verdrag geboden bescherming.

2 Elke verdragsluitende partij kan, op het tijdstip van ondertekening of bij het nederleggen van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding, bij een verklaring gericht aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa verklaren dat de begripsomschrijving „overheidsorganen” tevens op een of meer van de volgende entiteiten van toepassing is:

i. wetgevende instanties wat betreft hun overige werkzaamheden;

ii. gerechtelijke autoriteiten wat betreft hun overige werkzaamheden;

iii. natuurlijke personen of rechtspersonen voor zover zij een publieke taak vervullen of uit de publieke middelen worden gefinancierd, overeenkomstig het nationale recht.

Deze verklaring kan nadien te allen tijde op dezelfde wijze worden gewijzigd.

Regeling
Verdrag van de Raad van Europa tot bescherming van het advocatenberoep
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
13-05-2025
BWB-id
BWBV0007100
Versie
2025-05-13_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl