wetzoeker

Artikel 12 Verdrag van Ljubljana-Den Haag inzake internationale samenwerking bij de opsporing en vervolging van genocide, misdrijven tegen de menselijkheid, oorlogsmisdrijven en andere internationale misdrijven

ALGEMENE BEPALINGEN

1 Iedere staat die partij is neemt de eventueel noodzakelijke maatregelen om te waarborgen dat een persoon die beweert dat de misdrijven waarop die staat die partij is dit Verdrag toepast in overeenstemming met artikel 2, zijn of worden gepleegd het recht heeft tot het doen van een melding bij zijn bevoegde autoriteiten.

2 De staten die partij zijn verbinden zich ertoe alle ontvangen meldingen onverwijld en onpartijdig te bestuderen, in overeenstemming met hun nationale recht en, indien van toepassing, relevant nationaal beleid.

Regeling
Verdrag van Ljubljana-Den Haag inzake internationale samenwerking bij de opsporing en vervolging van genocide, misdrijven tegen de menselijkheid, oorlogsmisdrijven en andere internationale misdrijven
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
15-02-2024
BWB-id
BWBV0007040
Versie
2024-02-15_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl