wetzoeker

Artikel VI Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Ivoorkust betreffende de status van het personeel van het Ministerie van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden dat zich op het Ivoriaanse grondgebied bevindt in het kader van militaire activiteiten

In de uitoefening van militaire activiteiten in het kader van dit Verdrag:

1. Het militair personeel draagt het uniform en militaire onderscheidingstekens in overeenstemming met de geldende wetgeving van de Zendstaat.

2. Het militair personeel zal wapens en munitie mogen bezitten, dragen en/of gebruiken onder de volgende cumulatieve voorwaarden:

a. Ze zijn hiervoor geautoriseerd middels hun dienstopdracht;

b. het is in overeenstemming met de geldende wetgeving van de Ontvangende Staat;

c. de bevoegde autoriteiten van de Partijen beslissen op voorhand of het noodzakelijk is om hierover nadere regelingen te stellen, zoals beschreven in Artikel IX.

3. De wapens en de munitie worden opgeslagen en bewaakt in overeenstemming met de geldende wetgeving van de Ontvangende Staat.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Ivoorkust betreffende de status van het personeel van het Ministerie van Defensie van het Koninkrijk der Nederlanden dat zich op het Ivoriaanse grondgebied bevindt in het kader van militaire activiteiten
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
08-01-2024
BWB-id
BWBV0007034
Versie
2024-01-08_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl