wetzoeker

Artikel 3 Overeenkomst tussen de Regering van de Franse Republiek, de Regering van het Koninkrijk België, de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland tot wijziging en aanvulling van de Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk België, de Regering van de Franse Republiek en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland met betrekking tot het treinverkeer tussen België en het Verenigd Koninkrijk via de vaste kanaalverbinding met protocol, gedaan te Brussel op 15 december 1993 (met Protocol)

1 Elke Overeenkomstsluitende partij legt bij de ondertekening van deze Overeenkomst in een schriftelijke verklaring vast welke van de volgende procedures en modaliteiten genoemd vermeld onder literae a) of b) van toepassing zijn op de op hun grondgebied gelegen controlezones, in hun hoedanigheid van Gaststaat:

a. De ambtenaren van de andere Staten mogen in de controlezone van de Gaststaat bij de uitoefening van hun nationale bevoegdheden personen in de controlezone van de Gaststaat staande houden of aanhouden overeenkomstig de wetten en voorschriften betreffende grenscontroles van hun eigen Staat of personen staande houden of aanhouden die door de autoriteiten van hun eigen Staat worden gezocht. Elke aangehouden persoon of persoon die is staande gehouden wordt, samen met de eventueel in beslag genomen goederen, onmiddellijk overgedragen aan de bevoegde autoriteiten van de Gaststaat. De Gaststaat ziet erop toe dat de bevoegde autoriteiten beschikbaar zijn om een dergelijke persoon op te vangen en de nodige maatregelen te nemen.

De Staat waarvan de ambtenaren de staandehouding of aanhouding hebben verricht, volgt, indien deze de betrokken persoon naar hun eigen grondgebied wensen over te brengen, de relevante toepasselijke procedure voor het indienen van een formeel verzoek voor een dergelijke overbrenging vanuit de Gaststaat.

Geen enkele persoon mag echter langer dan vierentwintig uur de vrijheid ontnomen worden in de voor grenscontroles in de Gaststaat gereserveerde locaties. Deze vrijheidsbeneming is onderworpen aan de voorwaarden en procedures die zijn vastgesteld in de wetgeving van de Staat van de ambtenaren die de vrijheidsbeneming of aanhouding hebben verricht.

Of

b. De ambtenaren van de andere Staten mogen in de controlezone van de Gaststaat bij de uitoefening van hun nationale bevoegdheden uitsluitend personen voor strafbare feiten staande houden of aanhouden tijdens de uitvoering van een grenscontrole op personen overeenkomstig de wetten en voorschriften betreffende grenscontroles van hun eigen Staat of personen staande houden of aanhouden die door de autoriteiten van hun eigen Staat worden gezocht, en wel als volgt:

i. Er mag geen aanhouding of staandehouding plaatsvinden wegens een strafbaar feit waarvoor geen vergelijkbaar strafbaar feit bestaat naar het nationale recht van de Gaststaat, dergelijke strafbare feiten moeten worden overeengekomen en vastgelegd in een afzonderlijke bilaterale overeenkomst tussen de Gaststaat en de Staat van aankomst, die tegelijk met de schriftelijke verklaring waarop dit artikel van toepassing is, wordt ondertekend.

ii. Bij het uitvoeren van de in artikel 2 bedoelde controles kunnen de ambtenaren van de Staat van aankomst van een persoon verlangen dat deze zich aan een nader onderzoek onderwerpt om zich ervan te vergewissen dat deze persoon toestemming kan krijgen om het grondgebied van de Staat van aankomst te betreden. Personen die zich aan een nader onderzoek moeten onderwerpen, kunnen dit onderzoek te allen tijde beëindigen door af te zien van hun wens om het grondgebied van de Staat van aankomst te betreden. In dat geval wordt de persoon begeleid naar de ambtenaren van de Gaststaat, die de nodige maatregelen nemen om hem aan grenscontroles te onderwerpen.

iii. Elke aangehouden of staande gehouden persoon wordt, samen met de eventueel in beslag genomen goederen, onmiddellijk overgedragen aan de bevoegde autoriteiten van de Gaststaat. De Gaststaat ziet erop toe dat de bevoegde autoriteiten beschikbaar zijn om een dergelijke persoon op te vangen en de nodige maatregelen te nemen.

c. Elke Overeenkomstsluitende Partij verstrekt vervolgens aan elke andere Overeenkomstsluitende Partij een afschrift van die verklaring, ongeacht of die andere Overeenkomstsluitende Partij voornemens is grenscontroles op het grondgebied van de Gaststaat uit te voeren.

d. Een Overeenkomstsluitende Partij kan te allen tijde, na overeenstemming met de betrokken Staat of Staten van aankomst, haar schriftelijke verklaring over de in het eerste lid van dit artikel bedoelde modaliteit wijzigen. Alle Overeenkomstsluitende Partijen dienen met elkaar overleg te plegen om een praktische manier te vinden om rekening te houden met een dergelijke wijziging. Deze verklaring wordt van kracht op de eerste dag van de zesde maand volgend op de dag waarop alle Overeenkomstsluitende Partijen een kennisgeving hebben ontvangen, overeenkomstig het vereiste in het tweede lid hierboven.

Regeling
Overeenkomst tussen de Regering van de Franse Republiek, de Regering van het Koninkrijk België, de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland tot wijziging en aanvulling van de Overeenkomst tussen de Regering van het Koninkrijk België, de Regering van de Franse Republiek en de Regering van het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland met betrekking tot het treinverkeer tussen België en het Verenigd Koninkrijk via de vaste kanaalverbinding met protocol, gedaan te Brussel op 15 december 1993 (met Protocol)
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
07-07-2020
BWB-id
BWBV0006883
Versie
2020-07-07_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl