wetzoeker

Artikel II Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Belize inzake de status van de strijdkrachten van het Koninkrijk der Nederlanden gedurende hun aanwezigheid in Belize

1 Het personeel van de zendende partij en hun gezinsleden zijn gerechtigd het grondgebied van de ontvangende partij te betreden, er te verblijven en het te verlaten. Het personeel van de zendende partij en hun gezinsleden hebben dezelfde bewegingsvrijheid als die aan onderdanen van de ontvangende partij is toegekend.

2 Op voorwaarde dat het militaire personeel in het bezit is van een officiële identiteitskaart of een ander identiteitsbewijs dat normaal gesproken aan hen wordt afgegeven, is het militaire personeel vrijgesteld van de voorschriften met betrekking tot paspoorten en visa en immigratievereisten bij het betreden of verlaten van het grondgebied van de ontvangende partij. Het civiel personeel van het ministerie van Defensie van de zendende partij en hun gezinsleden zijn op gelijke wijze vrijgesteld, mits zij in het bezit zijn van een geldig paspoort.

Regeling
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Belize inzake de status van de strijdkrachten van het Koninkrijk der Nederlanden gedurende hun aanwezigheid in Belize
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-05-2019
BWB-id
BWBV0006709
Versie
2019-05-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl