wetzoeker

Artikel 1 Verdrag inzake postale financiële diensten

ALGEMENE BEPALINGEN

1 Met inachtneming van het onder het tweede lid bepaalde stelt elke lidstaat al het mogelijke in het werk om ervoor te zorgen dat de volgende postale financiële diensten op zijn grondgebied langs elektronische weg worden aangeboden of geaccepteerd:

1.1 Contante postwissel: de afzender biedt geld aan op het servicetoegangspunt en verzoekt om contante betaling van het volledige bedrag aan de geadresseerde, zonder enige inhouding.

1.2 Betaalpostwissel: de afzender geeft opdracht tot debitering van zijn rekening en verzoekt om contante betaling van het volledige bedrag aan de geadresseerde, zonder enige inhouding.

1.3 Stortingspostwissel: de afzender biedt geld aan op het servicetoegangspunt en verzoekt om storting ervan op de rekening van de geadresseerde, zonder enige inhouding.

1.4 Postoverschrijving: de afzender geeft opdracht tot debitering van zijn rekening en verzoekt om creditering van de rekening van de geadresseerde met een gelijkluidend bedrag, zonder enige inhouding.

1bis Elke lidstaat kan tevens waarborgen dat de in artikel 25bis omschreven aanvullende diensten op zijn grondgebied worden aangeboden of geaccepteerd.

2 In het geval dat geen van de in het eerste lid genoemde elektronische postale financiële diensten wordt aangeboden of geaccepteerd, biedt elke lidstaat ten minste een van de voornoemde postale financiële diensten in papieren vorm aan of accepteert deze (briefpost).

3 De maatregelen ter uitvoering van dit Verdrag worden vastgelegd in de Regeling.

Regeling
Verdrag inzake postale financiële diensten
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-2026
BWB-id
BWBV0006700
Versie
2026-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl