wetzoeker

Artikel 19 Verdrag inzake samenwerking en wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Angola

UITVOERING VAN VERZOEKEN

1 Indien functionarissen van de ene verdragsluitende partij aanwezig zijn op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij uit hoofde van dit Verdrag, dienen zij te allen tijde in staat te zijn hun identiteit en officiële hoedanigheid aan te tonen.

2 Functionarissen van de ene verdragsluitende partij genieten, gedurende hun verblijf uit hoofde van dit Verdrag op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij, de bescherming die wordt toegekend aan douaneambtenaren van de andere verdragsluitende partij voor zover dit uit hoofde van de wettelijke en administratieve bepalingen van die verdragsluitende partij mogelijk is en zij zijn verantwoordelijk voor de strafbare feiten die zij eventueel begaan.

3 Functionarissen van de ene verdragsluitende partij mogen op het grondgebied van de andere verdragsluitende partij uit hoofde van dit Verdrag:

a. geen uniform dragen;

b. geen vuurwapen of enig ander wapen dragen of gebruiken.

Regeling
Verdrag inzake samenwerking en wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Angola
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
10-04-2017
BWB-id
BWBV0006678
Versie
2017-04-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl