wetzoeker

Artikel 4 Samenwerkingsovereenkomst inzake partnerschap en ontwikkeling tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Islamitische Republiek Afghanistan, anderzijds

SAMENWERKING TEN BEHOEVE VAN DE MENSENRECHTEN, GELIJKHEID TUSSEN MANNEN EN VROUWEN EN MAATSCHAPPELIJKE ORGANISATIES

1 Overeenkomstig artikel 1, lid 2, onder c), en artikel 2, lid 3, komen de partijen overeen samen te werken aan de bevordering en effectieve bescherming van de mensenrechten, ook, waar passend, met betrekking tot de ratificering en tenuitvoerlegging van internationale mensenrechteninstrumenten. In de loop van hun politieke dialoog evalueren de partijen de uitvoering van dit artikel.

2 De in lid 1 bedoelde samenwerking kan onder meer betrekking hebben op:

a. ondersteuning van de ontwikkeling en uitvoering van nationale actieplannen met betrekking tot de mensenrechten;

b. bevordering van en voorlichting over de mensenrechten;

c. versterking van nationale en subnationale mensenrechteninstellingen in Afghanistan;

d. totstandbrenging van een zinvolle, breed gefundeerde mensenrechtendialoog; alsmede

e. versterkte samenwerking met de mensenrechteninstellingen van de Verenigde Naties.

Regeling
Samenwerkingsovereenkomst inzake partnerschap en ontwikkeling tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de Islamitische Republiek Afghanistan, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
18-02-2017
BWB-id
BWBV0006667
Versie
2017-02-18_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl