wetzoeker

Artikel 22 Verdrag van de Raad van Europa inzake cinematografische coproductie (herzien)

SLOTBEPALINGEN

1 Elke staat kan bij de ondertekening of bij de nederlegging van zijn akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding verklaren dat artikel 2, vierde lid, niet van toepassing is op zijn bilaterale betrekkingen op het gebied van coproducties met één of meer partijen. Bovendien kan hij zich het recht voorbehouden een maximale deelneming vast te stellen die afwijkt van de in artikel 9, eerste lid, onderdeel a, bepaalde deelneming. Andere voorbehouden mogen niet worden gemaakt.

2 Elke partij die ingevolge het voorgaande lid een voorbehoud heeft gemaakt, kan dit geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een kennisgeving gericht aan de Secretaris-Generaal van de Raad van Europa. De intrekking wordt van kracht op de datum van ontvangst van deze kennisgeving door de Secretaris-Generaal.

Regeling
Verdrag van de Raad van Europa inzake cinematografische coproductie (herzien)
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-12-2017
BWB-id
BWBV0006663
Versie
2017-12-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl