wetzoeker

Artikel 23.1 Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds

HANDEL EN ARBEID

1 De partijen erkennen de waarde van internationale samenwerking en overeenkomsten op het gebied van arbeid als antwoord van de internationale gemeenschap op de uitdagingen en mogelijkheden die op economisch en sociaal gebied en op het gebied van de werkgelegenheid uit de mondialisering voortvloeien. Zij zijn zich bewust van de bijdrage die de internationale handel kan leveren aan volledige en productieve werkgelegenheid en fatsoenlijk werk voor iedereen en verbinden zich ertoe waar nodig overleg te plegen en samen te werken met betrekking tot handelsgerelateerde vraagstukken op het gebied van arbeid en werkgelegenheid van wederzijds belang.

2 Zij bevestigen de waarde van een grotere beleidscoherentie inzake fatsoenlijk werk, met inbegrip van de fundamentele arbeidsnormen en een hoog niveau van arbeidsbescherming, in combinatie met een doeltreffende handhaving dienaangaande, en zij erkennen de positieve impact die deze aandachtsgebieden kunnen hebben op de economische efficiëntie, innovatie en productiviteit, met inbegrip van uitvoerprestaties. In dit verband erkennen zij tevens het belang van de sociale dialoog inzake arbeidsaangelegenheden tussen werkgevers en werknemers en hun respectieve organisaties en overheden, en verbinden zij zich ertoe deze dialoog te bevorderen.

Regeling
Brede Economische en Handelsovereenkomst tussen Canada, enerzijds, en de Europese Unie en haar lidstaten, anderzijds
Afkortingen
CETA
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
30-10-2016
BWB-id
BWBV0006661
Versie
2016-10-30_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl