wetzoeker

Artikel 7 Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds

GEOGRAFISCHE AANDUIDINGEN

1 Zuid-Afrika en de EU kunnen overeenkomstig de procedures van artikel 13 van dit protocol geografische aanduidingen toevoegen aan bijlage I bij dit protocol.

2 Een benaming kan niet aan bijlage I bij dit protocol worden toegevoegd indien deze op het grondgebied van een partij samenvalt met de naam van een plantenras, een druivenras daaronder begrepen, of een dierenras en de consument daardoor kan worden misleid met betrekking tot de werkelijke oorsprong van het product, of indien een soortnaam voor een soortgelijk product volledig in de benaming is opgenomen.

3 Indien een in artikel 3 of artikel 7, lid 1, van dit protocol bedoelde geografische aanduiding geheel of gedeeltelijk gelijkluidend is met een geografische aanduiding die wordt beschermd of waarvoor om bescherming is verzocht op het grondgebied van de betrokken partij:

a. wordt elke aanduiding beschermd mits deze te goeder trouw is gebruikt en daarbij naar behoren rekening is gehouden met lokale en traditionele gebruiken en het daadwerkelijke gevaar voor verwarring;

b. bepalen Zuid-Afrika en de EU onderling, onverminderd artikel 23 van de TRIPs-overeenkomst, de praktische gebruiksvoorwaarden om geheel of gedeeltelijk gelijkluidende geografische aanduidingen van elkaar te onderscheiden, er rekening mee houdend dat de betrokken producenten een billijke behandeling moeten krijgen en de consument niet mag worden misleid;

c. wordt een geheel of gedeeltelijk gelijkluidende benaming die bij de consument ten onrechte de indruk wekt dat de producten van oorsprong zijn uit een ander grondgebied, niet beschermd, ook al is de benaming juist wat het grondgebied, de regio of de plaats betreft waaruit het betrokken product feitelijk van oorsprong is.

4 Zuid-Afrika en de EU zijn niet verplicht een geografische aanduiding te beschermen wanneer de bescherming de consument gezien de reputatie of bekendheid van een merk kan misleiden ten aanzien van de werkelijke identiteit van het betrokken product.

5 Onverminderd lid 4 beschermen de partijen geografische aanduidingen ook wanneer er een ouder merk in de zin van artikel 6, lid 4, van dit protocol bestaat.

6 Uit hoofde van artikel 13 van dit protocol kan Zuid-Afrika met het oog op de ontwikkeling van geografische aanduidingen aldaar tot dertig (30) benamingen voorstellen die bij voorrang moeten worden beschermd. De EU zorgt ervoor dat deze verzoeken onverwijld haar interne procedures doorlopen.

Regeling
Economische partnerschapsovereenkomst tussen de Europese Unie en haar lidstaten, enerzijds, en de SADC-EPO-staten, anderzijds
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
10-06-2016
BWB-id
BWBV0006613
Versie
2016-06-10_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl