Slotakte (deel 1) Verdrag tussen het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Portugese Republiek, het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (Lid-Staten van de Europese Unie) en het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland, het Koninkrijk Zweden, betreffende de toetreding van het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot de Europese Unie
I. het Verdrag betreffende de toetreding van het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot de Europese Unie.
II. de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden en de aanpassing der Verdragen.
III. de hieronder genoemde teksten die zijn gehecht aan de Akte betreffende de toetredingsvoorwaarden en de aanpassing der Verdragen:
A. | Bijlage I: | Lijst bedoeld in artikel 29 van de Toetredingsakte
Bijlage II: | Lijst bedoeld in artikel 30 van de Toetredingsakte
Bijlage III: | Bepalingen waarnaar in artikel 32 van de Toetredingsakte wordt verwezen
Bijlage IV: | Lijst bedoeld in artikel 39, lid 1, van de Toetredingsakte
Bijlage V: | Lijst bedoeld in artikel 39, lid 5, van de Toetredingsakte
Bijlage VI: | Lijst bedoeld in de artikelen 54, 73, 97 en 126 van de Toetredingsakte
Bijlage VII: | Lijst bedoeld in artikel 56 van de Toetredingsakte
Bijlage VIII: | Bepalingen waarnaar in artikel 69 van de Toetredingsakte wordt verwezen
Bijlage IX: | Lijst bedoeld in artikel 71, lid 2, van de Toetredingsakte
Bijlage X: | Bepalingen waarnaar in artikel 84 van de Toetredingsakte wordt verwezen
Bijlage XI: | Lijst bedoeld in artikel 99 van de Toetredingsakte
Bijlage XII: | Bepalingen bedoeld in artikel 112 van de Toetredingsakte
Bijlage XIII: | Lijst bedoeld in artikel 138, lid 5, van de Toetredingsakte
Bijlage XIV: | Lijst bedoeld in artikel 140 van de Toetredingsakte
Bijlage XV: | Lijst bedoeld in artikel 151 van de Toetredingsakte
Bijlage XVI: | Lijst bedoeld in artikel 165, lid 1, van de Toetredingsakte
Bijlage XVII: | Lijst bedoeld in artikel 165, lid 2, van de Toetredingsakte
Bijlage XVIII: | Lijst bedoeld in artikel 167 van de Toetredingsakte
Bijlage XIX: | Lijst bedoeld in artikel 168 van de Toetredingsakte
B. | Protocol nr. 1 | betreffende de statuten van de Europese Investeringsbank
Protocol nr. 2 | inzake de Åland-eilanden
Protocol nr. 3 | betreffende de Sami-bevolking
Protocol nr. 4 | betreffende de sector koolwaterstoffen in Noorwegen
Protocol nr. 5 | betreffende de deelneming van de nieuwe Lid-Staten aan het vermogen van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal
Protocol nr. 6 | betreffende bijzondere tijdelijke bepalingen inzake de activiteiten uit hoofde van de Structuurfondsen in Finland, Noorwegen en Zweden
Protocol nr. 7 | betreffende Svalbard
Protocol nr. 8 | betreffende de verkiezingen van het Europees Parlement in bepaalde nieuwe Lid-Staten tijdens de interimperiode.
Protocol nr. 9 | betreffende vervoer over de weg en per spoor, alsmede gecombineerd vervoer in Oostenrijk
Protocol nr. 10 | betreffende het gebruik van specifieke Oostenrijkse termen binnen de Duitse taal in het kader van de Europese Unie
C. De teksten:
– van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap en van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, alsmede de Verdragen waarbij zij zijn gewijzigd of aangevuld, met inbegrip van het Verdrag betreffende de toetreding van het Koninkrijk Denemarken, Ierland en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland tot de Europese Economische Gemeenschap en tot de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie, het Verdrag betreffende de toetreding van de Helleense Republiek tot de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie en het Verdrag betreffende de toetreding van het Koninkrijk Spanje en de Portugese Republiek tot de Europese Economische Gemeenschap en de Europese Gemeenschap voor Atoomenergie,
– het Verdrag betreffende de Europese Unie,
in de Finse, Noorse en Zweedse taal.
Voorts hebben de Gevolmachtigden de hierna genoemde en aan deze Slotakte gehechte verklaringen aangenomen:
1. Gemeenschappelijke verklaring over het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid
2. Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 157, lid 4, van het Toetredingsverdrag
3. Gemeenschappelijke verklaring betreffende het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
4. Gemeenschappelijke verklaring over de toepassing van het Euratom-Verdrag
5. Gemeenschappelijke verklaring betreffende tweede woningen
6. Gezamenlijke verklaring inzake normen voor de bescherming van het milieu, de gezondheid en de produktveiligheid
7. Gemeenschappelijke verklaring betreffende de artikelen 32, 69, 84 en 112 van de Toetredingsakte
8. Gemeenschappelijke verklaring betreffende de institutionele procedures van de Toetredingsakte
9. Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 172 van de Toetredingsakte
1. Gemeenschappelijke verklaring over het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid
1. De Unie neemt kennis van het feit dat Noorwegen, Oostenrijk, Finland en Zweden hun volledige aanvaarding bevestigen van de rechten en verplichtingen die zijn verbonden aan de Unie en haar institutioneel kader, het zogenaamde „acquis communautaire”, zoals dat op de huidige Lid-Staten van toepassing is. Dit omvat met name de inhoud, de beginselen en de politieke doelstellingen van de Verdragen, met inbegrip van het Verdrag betreffende de Europese Unie.
De Unie en het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden zijn het erover eens dat:
– toetreding tot de Unie de interne samenhang van de Unie en haar vermogen om doeltreffend op te treden op het gebied van het buitenlands en veiligheidsbeleid zou moeten verbeteren ;
– de nieuwe Lid-Staten vanaf de toetreding bereid en in staat zullen zijn om ten volle en actief deel te nemen aan het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid zoals dat is omschreven in het Verdrag betreffende de Europese Unie ;
– de nieuwe Lid-Staten bij toetreding zonder enig voorbehoud alle doelstellingen van het Verdrag, de bepalingen van Titel V en de relevante verklaringen dienaangaande zullen aanvaarden ;
– de nieuwe Lid-Staten bereid en in staat zullen zijn om het ten tijde van hun toetreding gevoerde specifieke beleid van de Unie te ondersteunen.
2. Wat betreft de voor de Lid-Staten uit het Verdrag betreffende de Europese Unie voortvloeiende verplichtingen op het stuk van de tenuitvoerlegging van het gemeenschappelijk buitenlands en veiligheidsbeleid van de Unie wordt er van uitgegaan dat het juridisch kader van de toetredende landen op de datum van toetreding verenigbaar zal zijn met het acquis.
2. Gemeenschappelijke verklaring betreffende artikel 157, lid 4, van de Toetredingsakte
De nieuwe Lid-Staten zullen deel nemen aan een systeem waarbij de drie Advocaten-Generaal rouleren in de momenteel toegepaste alfabetische volgorde, met dien verstande dat Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en het Verenigd Koninkrijk niet aan dat systeem zullen deelnemen, omdat zij elk een permanente Advocaat-Generaal krijgen. De alfabetische volgorde luidt derhalve als volgt: België (1988-1994), Danmark (1991-1997), Ellas (1994-2000), Ireland, Luxembourg, Nederland, Norge, Österreich, Portugal, Suomi, Sverige. Dit betekent dat bij de toetreding een Advocaat-Generaal met de Spaanse nationaliteit en een met de Ierse nationaliteit zullen worden benoemd. De ambtstermijn van de Spaanse Advocaat-Generaal verstrijkt op 6 oktober 1997 en die van de Ierse Advocaat-Generaal op 6 oktober 2000.
3. Gemeenschappelijke verklaring betreffende het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen
De aanvullende maatregelen die ingevolge de toetreding van de nieuwe Lid-Staten noodzakelijk mochten blijken, dienen te worden genomen door de Raad, die op verzoek van het Hof het aantal Advocaten-Generaal op negen kan brengen, en de nodige aanpassingen kan aanbrengen overeenkomstig de bepalingen van artikel 32 bis, derde alinea, van het EGKS-Verdrag, artikel 166, derde alinea, van het EEG-Verdrag en artikel 138, derde alinea, van het Euratom-Verdrag.
4. Gemeenschappelijke verklaring over de toepassing van het Euratom-Verdrag
- Regeling
- Verdrag tussen het Koninkrijk België, het Koninkrijk Denemarken, de Bondsrepubliek Duitsland, de Helleense Republiek, het Koninkrijk Spanje, de Franse Republiek, Ierland, de Italiaanse Republiek, het Groothertogdom Luxemburg, het Koninkrijk der Nederlanden, de Portugese Republiek, het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland (Lid-Staten van de Europese Unie) en het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland, het Koninkrijk Zweden, betreffende de toetreding van het Koninkrijk Noorwegen, de Republiek Oostenrijk, de Republiek Finland en het Koninkrijk Zweden tot de Europese Unie
- Soort
- Verdrag
- Geldend vanaf
- 01-01-1995
- BWB-id
- BWBV0006519
- Versie
- 1995-01-01_0