wetzoeker

BIJLAGE B — Levering van kolen aan Nederland. Verdrag tussen de Nederlandse en Duitse Regering nopens krediet en steenkolen

Levering van kolen aan Nederland.

1. De Duitsche Regeering verbindt zich:

a. vergunning tot uitvoer te verleenen voor ten minste 90 000 ton steenkool, steenkool-briketten en cokes in de maand uit de mijnen van het „Rheinisch-Westfälische Kohlensyndikat”.

b. De levering vanaf 1 Januari 1920 tot 31 December 1923 behoudens gevallen van overmacht, van 90 000 tons in de maand te waarborgen;

c. voor mogelijke leveringen boven deze hoeveelheid dezelfde voorwaarden te zullen laten gelden.

2. Als prijzen worden genomen de prijzen van de wereldmarkt d. w. z. de prijzen worden aan de Duitsche mijn zoodanig berekend, dat zij overeenkomen met den prijs, die c.i.f. Nederlandsche haven van invoer aan de importeurs wordt betaald voor Engelsche en Amerikaansche kolen van gelijksoortige hoedanigheid, in het zelfde tijdperk in Nederland ingevoerd, onder aftrek van een naar evenredigheid te bepalen bedrag, wegens vracht van de Duitsche mijn naar Nederland. Dit bedrag moet zoo worden berekend dat de Duitsche kolen op de plaats van verbruik gemiddeld evenveel kosten als de Engelsche en Amerikaansche van dezelfde hoedanigheid.

3. De inkoopsprijzen voor Engelsche en Amerikaansche kolen omvatten f. o. b. prijs, vracht, assuranties, eventueele overliggelden en alle overige kosten gemaakt tot c. i. f. Nederlandsche haven van invoer zonder dat op deze prijsbepaling invloed mag zijn uitgeoefend door maatregelen van de Nederlandsche Regeering. Hiervan is uitgezonderd de vracht voor Amerikaansche kolen, die op dezelfde manier als tot dusverre kan worden verlaagd door bijzondere bepalingen ten aanzien van Nederlandsche scheepsruimte. Regeeringsvracht en vrije vracht worden in aanmerking genomen in de verhouding, waarin gedurende de maand in quaestie het vervoer van Amerika werkelijk plaats had.

De nauwkeurige prijzen worden voor telkens zes maanden bepaald in overleg tusschen de Nederlandsche en de Duitsche afgevaardigden. Verschil van gevoelen over de prijsbepaling wordt beslist door het College van Scheidsmannen, waarvan in deze overeenkomst sprake is.

4. De verplichting tot levering voor Duitschland bestaat slechts dan, wanneer van Nederlandsche zijde, op verlangen van Duitschland de noodige transportmiddelen worden gesteld.

Regeling
Verdrag tussen de Nederlandse en Duitse Regering nopens krediet en steenkolen
Afkortingen
Tredefina-verdrag
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
28-12-1920
BWB-id
BWBV0006479
Versie
1920-12-28_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl