wetzoeker

Artikel VIII Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op cheques

Behoudens in geval van dringende noodzakelijkheid kan dit Verdrag niet worden opgezegd voor het einde van een termijn van twee jaren, te rekenen vanaf den datum zijner inwerkingtreding voor het Lid van den Volkenbond of voor den Staat niet-Lid, die tot opzegging overgaat; deze opzegging zal van kracht worden te rekenen van af den negentigsten dag, volgende op de ontvangst door den Secretaris-Generaal van de tot hem gerichte kennisgeving.

Iedere opzegging zal onmiddellijk door den Secretaris-Generaal van den Volkenbond worden medegedeeld aan alle andere Hooge Verdragsluitende Partijen.

De Hooge Verdragsluitende Partij, die in de gevallen van dringende noodzakelijkheid opzegt, zal daarvan rechtstreeks en onmiddellijk mededeeling doen aan alle andere Hooge Verdragsluitende Partijen, en de opzegging zal van kracht worden twee dagen na de ontvangst van de mededeeling door genoemde Hooge Verdragsluitende Partijen. De Hooge Verdragsluitende Partij, welke aldus opzegt, zal van haar besluit eveneens mededeeling doen aan den Secretaris-Generaal van den Volkenbond.

Iedere opzegging zal slechts van kracht zijn voor de Hooge Verdragsluitende Partijen, namens welke zij zal hebben plaats gehad.

Regeling
Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op cheques
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1934
BWB-id
BWBV0006387
Versie
1934-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl