wetzoeker

Artikel 25 Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op cheques

Ieder der Hooge Verdragsluitende Partijen is vrij te bepalen, dat in geval van verval of van verjaring, op haar grondgebied eene rechtsvordering zal blijven bestaan tegen den trekker, die geen fonds heeft bezorgd, of tegen eenen trekker of eenen endossant, die zich ongerechtvaardigd zou hebben verrijkt.

Regeling
Verdrag tot invoering van een eenvormige wet op cheques
Soort
Verdrag
Geldend vanaf
01-07-1934
BWB-id
BWBV0006387
Versie
1934-07-01_0

In de hele regeling · Officiële tekst op wetten.overheid.nl